Aranofsky blijft toch een veelzijdige regisseur die het ook niet vaak van de hoge budget moet hebben. Van drugsproblemen naar paranoia naar alternatieve werelden naar de historie naar een boksring naar ballet naar pure waanzin en horror in een huis naar de ellende rondom morbide obesitas naar.... een vrij typische misdaadflick ala Tarantino.
De setting is New York in het jaar 1998, in een één of andere randbuurt. Hier leeft de ietwat sullige Hank. Hij krijgt op een dag een vluchtige opdracht van zijn Engelse buurman Russ. Hij wordt verzocht om op zijn kat te passen omdat deze buurman haastig naar zijn zieke vader in Londen moet. Nou, hartstikke prima. Het beest genaamd Buddy is in de tijden dat Hank hem kende altijd lief voor hem geweest. Maar dan staan er al snel twee kale Russische lui voor de deur van buurman Russ. En voordat hij het weet wordt hij meegetrokken in een geheim dat zijn buurman in praktijk houdt.
Dit levert, zoals je het van deze films mag verwachten, weer knotsgekke momenten op die zelfs ook een beetje stereotype zijn. Russ komt van de ene probleem weer in de ander terwijl het de problemen van zijn gevlogen buurman moeten zijn. Natuurlijk is ook niets zoals het lijkt en vergeet je dat je de politie ook niet altijd moet vertrouwen. Is er nog meer? Ja, die twee Joodse lui waar je amper hoogte van krijgt, heel veel oneliners en zelfs wat kogelregels en een autoachtervolging. En dan Hanks vriendin waarbij ik er nu pas achterkom dat dat Zoë Kravitz is. Maar de kat blijft de show stelen.
En uiteindelijk draait het ook gewoon simpelweg allemaal om een zak geld.
Aranofsky heeft hier toch wel weer een hele andere weg ingeslagen. De elementen zijn inmiddels al in tallozen misdaadfilms; zij het niet direct to video-versies gebruikt, en ik denk dat de man daar gebruik van heeft gemaakt.
De tijd is mooi aangepast aan de decors en de middelen. Al hadden ze in 1998 volgens mij nog geen klaptelefoontjes. En natuurlijk wordt het geheel nog overgoten met een toffe soundtrack.