Meningen
Hier kun je zien welke berichten NYSe als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
There Will Be Blood (2007)
Groeit met iedere herziening.
Schitterend portret van een land in "bloei". Voor de Tweede Wereldoorlog was de VS nog een uit de kluiten gewassen ex-kolonie van Engeland die zich van de rest van de wereld had geïsoleerd, maar na 1945 werd het de sterkste natie op aarde. Vast geen toeval dat There Will Be Blood eindigt in het interbellum, vlak voor het land zich aan de wereld zou openbaren.
Anderson laat zien hoe de supermacht zoals we die vandaag de dag kennen zijn vorm heeft gekregen, in een fantastische metaforische vertelling over de strijd van Amerika - het kapitalisme (Plainview) en religie (Sunday) - om het volk.
Thin Blue Line, The (1988)
Intrigerend portret van een finaal misgelopen rechtszaak. De hypnotiserende montage, pratende hoofden die in de camera priemen, het steeds weer terugkeren naar nét een andere versie van het verhaal (de nadruk op tegenstrijdigheden is soms machtig: de titel in beeld, met "blue" in felrood geschreven; een aardbijenmilkshake wordt uit het raam gegooid terwijl de crime scene door een plas chocolademilkshake zou moeten zijn bevuilt; een rechter herinnert zich een "triviaal" verhaal rondom een dame in de rode jurk, wiens jurk eigenlijk oranje was), de prachtig kaal vormgegeven reenactments (ik heb een zwak voor dat retro-jaren-tachtig-kleurenpalet), onder begeleiding van de schitterende muziek van Philip Glass maken dit tot een waar kunstwerk. Als ik dan toch een minpunt zou moeten noemen zou het het gebrek aan werkelijk interessante personages zijn: met uitzondering van Emily Miller en in mindere mate David Harris en Randall Adams zelf zijn de mensen nogal matter-of-fact en zijn hun verhalen boeiender dan hun persoon. Maar ach, dan maar een half puntje minder...
Thing, The (2011)
Actiefilm
De mensen achter Strike Entertainment verzorgden enkele jaren terug ook de remake van Dawn of the Dead, van Zack Snyder. In dit licht verrast deze zogenaamde "prequel" niet zo heel erg. Ik zeg 'zogenaamd', en 'prequel' zet ik tussen aanhalingstekens omdat het evengoed een remake had kunnen zijn van John Carpenter's fenomenale horrorklassieker uit 1982. Het verhaal volgt namelijk goed als exact het verhaal van zijn voorganger.
Net als met Snyder's Dawn of the Dead lijkt deze The Thing gemaakt te zijn voor de huidige ADD-generatie. Carpenter liet het Ding in 1982 het grootste deel van de film buiten beeld, of in ieder geval hidden in plain sight. Het bestond uit lange scènes afwachten wie het monster dit keer herbergt, waarmee Carpenter naast een doodenge horrorfilm ook nog eens een geniale paranoiathriller wist neer te zetten. Van Heijningen Jr. heeft daarentegen zich voornamelijk gefocust op achtervolgingen en gruwelijke transformaties en verminkingen, met één of twee schrikeffecten omdat het nu eenmaal ook eng moest worden. In rap tempo legt het één na het andere expeditielid het loodje waardoor er van enige spanningsopbouw na het eerste half uur nauwelijks sprake meer is.
Jammer maar helaas, met alle potentie die het had blijkt de klassieker van Carpenter na dertig jaar nog steeds veruit superieur.
This Is England (2006)
This Is England is een drama. En dit wordt helaas niet heel subtiel in het gezicht van de kijker gedrukt.
We leren Shaun al meteen kennen als iemand met een moeilijke jeugd: vader is dood, suggereert het eerste shot na de credits onmiddellijk, en hij wordt gepest op school. Gelukkig zijn daar enkele sympathieke jongens en meisjes die allemaal het beste met hem voor hebben en die hem wel heel erg snel omarmen als één van hen. Het zijn skinheads van de oude stempel, met een liefde voor ska en een onbezorgd leven.
Met de af en toe fantastische cinematografie van Danny Cohen spreken de beelden vaak al boekdelen, maar helaas moeten de personages al hun hebben en houwen tot in detail articuleren, met als hoogtepunt de bijeenkomst bij Combo, waarin Combo in een hele monoloog duidelijk maakt wat we allang wisten: dat hij radicaal verschilt van Woody en diens groep. Het zorgt voor een ietwat gemakzuchtige sprong in het verhaal, waarin Combo Shaun zonder moeite weet te overtuigen van zijn gelijk en hem meesleurt in zijn racistische wereldje waar natuurlijk alleen maar ellende uit kan voortvloeien.
De sprong is behalve gemakzuchtig ook een beetje ongeloofwaardig, of had in ieder geval een stuk sterker gekund. Regisseur Shane Meadows laat ons één dag uit de ellendige jeugd van Shaun zien voordat het broerfiguur Woody verschijnt, weergegeven in misschien een kwartiertje: Shaun rouwt om zijn vader, hij wordt een winkel uit geschopt, gepest en krijgt ten slotte ruzie en vervolgens een pak slaag van de directeur. Einde schooldag. Redelijk specifieke zaken, waarvan we maar moeten aannemen dat het op regelmatige schaal voorkomt.
Na de introductie van Woody lijkt alles plotseling rozengeur en zonneschijn. En dan verschijnt Combo ter tonele. De indruk die This Is England wekt is niet eens zozeer dat Shaun een getroebleerde jeugd heeft: eerder lijkt het zo dat hij gewoon een rotdag had. De personages kunnen wel blijven uitleggen dat het anders in elkaar zit, maar dat doet niks af aan de indruk die ontstaan is. En of een rotdag het nu geloofwaardig maakt dat iemand een wildvreemde en imposante skinhead vrijwel onmiddellijk als vaderfiguur omarmt?
Combo wordt daarentegen wel eng goed neergezet door Stephen Graham. De spanning en het ongemak die ontstaat als hij zich in de ruimte bevindt is zelfs voor de kijker voelbaar en is één van de weinig metafysische enigma’s in de verder nogal vlakke film.
Tekenend voor dat empirische versus metafysische is ook het einde, waarin de St. Georgevlag symbolisch in de golven verdwijnt, waarop Shaun in de ogen van de kijker staart. Het voelt voornamelijk cliché, terwijl de scène ervoor, op Shaun’s kamer met hem en zijn moeder, een stuk veelzeggender en gevoeliger was.
This Is England had meesterlijk kunnen zijn. Helaas weerhouden de uitleggerige dialogen en monologen en het overbodige einde het hiervan, waarmee er een ietwat simplistisch, mooi geschoten dramafilm overblijft.
Toivon Tuolla Puolen (2017)
Alternatieve titel: The Other Side of Hope
Na Le Havre alweer een film van Kaurismäki over immigratie, al verschilt deze The Other Side of Hope daar wel degelijk van. In Le Havre spoelt een Afrikaans (de exacte afkomst blijft volgens mij onvermeld) kind aan in het Franse havenstadje; in The Other Side of Hope arriveert een Syriër in Helsinki om het door oorlog geteisterde Aleppo te ontvluchten. De impliciete oorsprong en motivatie van de Afrikaanse Idrissa staat lijnrecht tegenover de expliciet vertelde geschiedenis van Khaled. Wanneer hij zijn tragische verhaal doet echoot dat de actuele verhalen die we keer op keer op het nieuws terughoren; nieuws dat zelfs door de personages in de film op televisie gezien wordt.
Het is ook in The Other Side of Hope zelf een flinke stijlbreuk: Khaled arriveert in het hyperrealistische Finland van Kaurismäki dat nooit bestaan heeft, waarin identiteiten voor duizend euro en in een middagje vervalst kunnen worden en waar een straight flush vier azen verslaat tijdens een pokeravondje (bedankt, Luuk!). Ook in Le Havre (let op: SPOILER) kwam een heel Frans dorp, ten tijde van de opkomst van Front National, samen om een immigrantenkind te redden en genas men spontaan van kanker. Zoals Reinier al schreef: Kaurismäki filmt sprookjes. Maar hier voelt het verhaal van Khaled, met de expliciete verwijzingen naar Aleppo in puin, de inmenging van de Russen en ISIS, urgenter en bovenal pijnlijker dan het gemiddelde sprookje: hoe gekunsteld dit Finland er ook uit mag zien, Syrië bestaat en lijdt echt, en daar kom je zelfs in Kaurismäki's film niet onderuit.
Troll (1986)
Samen met een vriend maar eens de twee Troll-films gekeken (al hebben ze buiten hun titel niks met elkaar te maken). Natuurlijk ging het ons vooral om het befaamde tweede deel en was deze slechts een opstapje daarnaar. Maar man oh man, wat hebben we ons kostelijk vermaakt bij dit wanproduct.
Ik kan het uitgebreid gaan hebben over wat er allemaal fout aan is, maar veel fijner is het om de succesjes te benoemen. Om te beginnen bij de make-up en poppen, waar overduidelijk ál het budget naartoe gegaan is. De trollen zien eruit als gesmolten Eftelingattracties, maar wanneer ze gaan zingen is het pure pret. Veel slijm en veel spastische animatronics, maar overduidelijk met liefde en aandacht gemaakt. De transformatie van Sonny Bono in een oerwoud ziet er daarbij ook echt geweldig uit en biedt eigenlijk het enige moment waarop een 16+ rating wat minder overdreven lijkt te zijn.
Dan is er het acteerwerk. Veruit de beste prestatie wordt geleverd door Phil Fondacaro, die een aandoenlijke rol neerzet als bezorgde buurman. Hij weet met een belabberd script daadwerkelijk iets te doen. Michael Moriarty is daarnaast de beste Harry Potter ooit. Hij speelt de volle anderhalf uur alsof hij wordt nagesynchroniseerd, zo droog; in een film als deze is dat hilarisch. Plus een geweldige air guitar-solo. En last but not least is daar Gary Sandy, die in een totaal bizarre entree als joggende bovenbuurman de show mag komen stelen. Puur zonde dat zijn aanwezigheid van zulke korte duur is.
Daarnaast ben ik wel gecharmeerd van het feit dat het zich allemaal op één enkele locatie - het appartementencomplex - afspeelt. Daar schuilt ongetwijfeld een weinig romantisch budgettaire reden achter, maar ik vind het fijn. Het verhaal blijft centraal en de makers proberen zo met man en macht een beetje een degelijke folklore uit te werken.
Het is allemaal verre van goed, maar er is overduidelijk met zóveel plezier, aandacht en passie aan gewerkt dat het een aanstekelijke zit wordt. De pluspunten doen veel van de minpunten teniet.
Tron (1982)
Alternatieve titel: Tron: The Original Classic
Gedateerd. Binnen tien jaar waren de computereffecten alweer zwaar achterhaalt en dan blijft er opeens bar weinig over: een slecht, uitgekauwd verhaal met bordkartonnen stereotypen.
True Grit (2010)
(BEVAT MOGELIJK SPOILERS VOOR COEN FILMS!) Niet helemaal (sowieso is dit een remake van een western, dan is het niet vreemd dat het daar ook op gaat leunen); de films die je niet noemt zijn in de kern ook echte genre-films: Blood Simple., No Country for Old Men en Miller's Crossing vallen binnen misdaad/film noir, Burn after Reading is een spionage komedie, Intolerable Cruelty is in de kern een romkom, The Big Lebowski is een (bonte) detective spoof en The Ladykillers is weer een remake van een crime caper, oftewel misdaadkomedie (wel in een compleet andere setting).
Tja, stiekem is het eigenlijk geen remake, maar een tweede bewerking van hetzelfde boek. Nog steeds is het dan geen verassing dat er dan op de westerntraditie geleund wordt, alleen ik hoopte op iets meer variatie dan de clichés die we al kennen.
En nog een tja: iedere film is in de kern natuurlijk een genre-film, omdat films nu eenmaal voor het gemak in genres worden onderverdeeld. Maar de films die ik niet noemde leunen minder op de tradities die bij die specifiekere genres horen (met uitzondering van Blood Simple en Miller's Crossing: daar kan ik niks over zeggen want die heb ik tot mijn spijt niet gezien).
True Grit moet het hebben van de herkenning die ontstaat door de vele verwijzingen naar de western als genre in zichzelf. De durf om een film wat meer eigen te maken, die ik zie bij Fargo, No Country for Old Men en A Serious Man, missen de Coens dan weer bij True Grit.
Films als Dead Man, The Proposition en The Assasination of Jesse James by the Coward Robert Ford hebben bewezen dat de western niet dood is. True Grit, hoewel zeer vermakelijk, doet dit in mijn ogen niet.
True Romance (1993)
True Romance is een film waar eigenlijk maar weinig mis mee is: het verhaal is eenvoudig en simplistisch genoeg om je voornamelijk te kunnen concentreren op de personages, zonder dat het allemaal stupide wordt. De kinetische dialogen zorgen voor extra vaart in scènes waar het allemaal makkelijk had kunnen inkakken, geholpen door acteurs van de bovenste plank.
Want hoewel Slater en Arquette een degelijke vertolking afleveren, daar is het pas echt genieten als Dennis Hopper, Christopher Walken, James Gandolfini, Gary Oldman, Tom Sizemore of Brad Pitt in beeld komen.
De befaamde Sicilian-scène is bijvoorbeeld meesterlijk uitgespeeld. Ook de ingehouden regie van wijlen Tony Scott brengt het allemaal naar een hoger niveau: sfeervolle belichting die af en toe aan Taxi Driver doet denken doet de setting constant de juiste toon aanslaan en Scott weet verder de juiste balans te vinden in het tempo: vlot zonder dat het met een snelvaart gaat en ingetogen zonder dat het inkakt.
True Romance is een klein meesterwerk dat nog het best te omschrijven is als een kruising tussen Badlands en de jaren '80 actiefilm. Heerlijk.
Twilight (2008)
Bella Swan: bringing "asking for trouble" to a whole new level!
Niet eens zo bijzonder slecht als ik had verwacht: zwijmelachtig highschoolfilmpje voor pubermeisjes. Er zijn veel slechtere gemaakt.
Toch behoor ik duidelijk totaal niet tot de doelgroep van Twilight en werd het me wel heel makkelijk gemaakt me te kunnen frustreren aan enkele aspecten. Ik zal ze opnoemen.
A) Na een week naar elkaar hebben gestaard spreken Edward en Bella af. Zij komt er vrij snel achter dat hij een vampier is. In plaats van in paniek te raken vindt er de volgende dialoog plaats:
Hij: "I'm designed to kill."
Zij: "I don't care."
Hij: "I've killed people before."
Zij: "It does not matter."
Hij: "I wanted to kill you."
Zij: "I trust you."
Tja. Misschien dat de conventionele problemen uit de meeste highschoolfilms (mislukte afspraakjes, lelijke jurken en menstruatie) niet goed genoeg voor Bella waren.
B) Wat volgt is het overbeschermende stalkergedrag van Edward wat hem maar moeizaam als een sympathiek personage karakteriseert.
C) Ook krijgen we de hele familie Cullen te zien. Vriendelijke "vegetarische" vampiers in designkleding en rustig wonend in een luxe villa in het bos. Het lijkt voornamelijk parodiemateriaal te zijn. En dat is het misschien ook, want serieus is het nauwelijks te nemen.
D) Twee uur materiaal waarin we mensen om elkaar heen zien draaien is eigenlijk te veel van het goede. Na een uur kakte de film vreselijk in, om daarna opnieuw te beginnen met opbouwen.
Maar zoals ik al zei: er zijn ergere highschoolfilms gemaakt. Zo vond ik de korte honkbalscène bijvoorbeeld nog best enerverend (kwam ook door Muse).
Ik zou de film dan ook niet helemaal de grond in willen boren, maar wie er een ontroerende vampierfilm wil zien, raad ik de volgende aan: Låt den Rätte Komma In van Tomas Alfredson.
Twisted (2004)
De film begint schitterend: sfeervolle beelden van een naargeestig San Fransisco en een aanranding opgezet in fantastische extreme close ups. "Mysterieus" klinkt misschien ongepast maar is wel het woord dat in me op komt.
Dan... een plotselinge kopstoot rukt ons uit die bewondering en de arrestatie die volgt voelt dan ook volledig misplaatst aan. En dat gevoel blijft de volledige anderhalf uur die volgt hangen. Net als het idee dat mijn intellect volledig belachelijk gemaakt wordt.
Na een half uur had ik mijn verdachten teruggebracht tot twee, een kwartier later tot één. En na me door nog drie kwartier aan saaie clichés, stereotypen en tenenkrommend acteerwerk van Ashley Judd heen te moeten slepen bleek ik het nog goed te hebben ook. Zucht.
