Meningen
Hier kun je zien welke berichten NYSe als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Hacksaw Ridge (2016)
Tering. Ik had van Gibson wel het één en ander aan Christensymboliek verwacht, maar dat het zó in je gezicht zou worden geduwd had ik niet durven dromen. Gek genoeg was dat niet eens het meest storende aan Hacksaw Ridge; de film heeft een boodschap en brengt die over. Niet mijn boodschap en subtiel is anders, maar goed...
Nee, er waren genoeg andere zaken om me aan te ergeren. Het begint al niet best. Het eerste halfuur, in lelijke gesatureerde kleuren, doet je tandglazuur al breken, maar de scènes rondom de drill training komen vervolgens ook echt niet uit de verf. Vince Vaughn probeert R. Lee Ermey's Sargeant Hartman na te doen, evenals Gibson overduidelijk poogt die hele eerste helft van Full Metal Jacket te benaderen, maar beiden falen jammerlijk. Ook Garfield komt voor geen meter overtuigend over, tenzij het de bedoeling was hem het bloed onder mijn nagels vandaan te halen.
Gibson trekt al veel tijd uit voor de hele strijd die Doss op trainingskamp moet strijden voor zijn plek in het regiment, maar wanneer hij dan ook nog eens met die rechtszaak komt aanzetten begint het te slepen: we wéten dankzij die openingsscène dat hij uiteindelijk gewoon naar Japan gestuurd gaat worden, dus schiet nou maar op! Spannend wordt het gewoon niet.
Dat lijkt te veranderen wanneer we eindelijk bij de Ridge aankomen. Het camerawerk, de muziek... alles zendt dreiging uit. Helaas wordt de hoop dat het allemaal wat beter gaat worden snel de pan in gehakt.
De veel getrokken vergelijking met Saving Private Ryans openingsscène is simpelweg niet op zijn plaats. Waar Spielberg een waanzinnig helder geconstrueerde helletocht door het Franse strand wist neer te zetten, daar gooit Gibson zijn shots met een te grote willekeur door elkaar. Chaos, zeker; maar wanneer je de kijker geen kans geeft zich te oriënteren (qua locatie, maar ook qua plotontwikkeling: waar bevinden de personages zich ten opzichte van elkaar en hoever moeten ze nog?) gaan de zich herhalende shots van opblazende lichamen tegen greenscreen en kapotgeschoten CGI-gezichten al snel vervelen. Dat hij hier het hele tweede uur van de film mee vult maakt het er niet beter op.
Wanneer zich dan de climax van de film aandoet - Doss' heldendaad bovenop de Ridge - is al mijn geduld al op. 'Help me get one more.' En 'help me get one more.' En nog één, en nog één. Alweer: herhaling doet vervelen wanneer Gibson met niks nieuws komt en het punt al duidelijk gemaakt is.
En dan blijven er ook veel losse eindjes over: wat gebeurt er met vader en diens houden tegenover zijn zoons? Overleeft broerlief de oorlog? Zelfs een smeuïge scène waarin Dorothy en Doss elkaar wederzien was in dit zoete drama op zijn plek geweest.
Nee, dit was niet best. Hacksaw Ridge gaat met de concurrentie van vanavond sowieso geen Oscars winnen, maar alleen de nominatie voor Beste Film, Beste Regie en Beste Acteur is hoe dan ook al een aanfluiting.
Hancock (2008)
Gemiste kans. Het personage dat Smith neerzet is een bijzonder interessante toevoeging aan de hele rits superhelden die er al zijn. Een dronken zwerver met superkrachten: het belooft een hoop.
Daarom is het jammer dat er zo weinig mee gedaan is. De scènes uit de eerste helft zijn over het algemeen komisch, maar lijken eerder een reeks losse flodders dan dat ze het verhaal voortstuwen.
Wanneer de tweede helft van het verhaal zich daarna aandient, waarin de relatie tussen Mary en Hancock wordt uitgediept en Hancock opeens een achtergrond krijgt, stort de film helaas in: met de tussenkomst van het genre drama begint de actie/komedie te wankelen en de geschiedenis van Mary en Hancock voegt eigenlijk maar bar weinig toe. Het personage had waarschijnlijk een stuk interessanter kunnen zijn zonder.
Onevenwichtig, en dat is vanwege het interessante uitgangspunt bijzonder jammer.
Haunting, The (1999)
De film wil zó graag eng gevonden worden dat álles uit de kast getrokken wordt. Maar helaas: zowel de locatie als de computereffecten zijn te extreem toegepast om daadwerkelijk beangstigend te zijn.
De kijker wordt er met zoveel bombarie zo vaak aan herinnert dat deze film echt, maar dan ook écht eng is (heus hoor... kijk, we hebben skeletten uit hout gesneden en een huis met ogen dat je boos aankijkt), dat het niks meer dan effectbejag wordt. De beste horrorfilms kruipen onder huid, maar deze blijft veilig aan het oppervlak en klampt zich vast aan enkele kinderachtige schrikeffecten.
Personages zijn bovendien oninteressant en in het geval van Theo, Luke, Hackett en Vance eigenlijk overbodig. Vooral naar de functie van de laatste twee is het gissen.
Daar komt bij dat Lili Taylor acteert als een stonede krant: met haar halfdichte ogen, fluisterstemmetje en ongepaste en dromerige glimlachjes wekt ze eerder irritatie dan sympathie op. Het is moeilijk haar Eleanor serieus te nemen en niet zoals de rest van de personages te zien als een schizofreen wanneer ze met haar blik op oneindig en balancerend op een overloop raaskalt over dode kinderen die ze redden moet.
De eeuwig ergenis wekkende Owen Wilson kan zijn pijlen beter elders richten dan op horrorfilms: zelfs bang kijken komt hem niet goed af en zijn uiteindelijke dood komt dan ook bijna als een opluchting aan.
Zelfs Neeson en Zeta-Jones, die zichzelf tenminste niet als wandelend persiflage neerzetten, kunnen de van enige sfeer gespeende film niet redden. Eén van de slechtere spookfilms.
History of Violence, A (2005)
Disney gone bad
Ik zag deze film ongeveer twee jaar terug. Vond het toentertijd niet echt bijzonder; een dun, nogal conservatief verhaaltje en weinig indrukwekkende vormgeving. Drie sterren leken me ruim voldoende.
Nu net een herziening achter de rug. Mijn hemel, wat zat ik fout: alleen de opening al is fenomenaal en zet gelijk de toon voor de rest van de anderhalf uur. Het dunne verhaaltje dat volgt gebruikt vervolgens die conservatieve familiewaarden waar ik eerst zo over struikelde om toch wel erg schrijnend menselijk drama neer te zetten: kijk alleen al naar die in- en intrieste seksscène op de trap. En natuurlijk die prachtige eindscène, waar geen woord gesproken wordt. Een soort R-rated Disneyfilm.
Dat we nooit te veel leren over Stall's persoonlijke "history of violence" is een goede keus gebleken. In plaats dat de focus teveel op de geschiedenis komt te liggen, heeft Cronenberg meer tijd genomen om Stall's worsteling ermee neer te zetten. Overigens erg goed neergezet door nice guy Viggo Mortensen. Sowieso prima cast, trouwens.
En dan die weinig indrukwekkende vormgeving... Tja, ik zal wel niet goed opgelet hebben, want wat een schitterende shots komen er langs. Het is dat jaren 80-gevoel dat Cronenberg niet van zich af weet te schudden dat zo mooi naar voren komt hier. Statische plaatjes, die een mooi contrast vormen met de plotselinge, en geweldig gestileerde, geweldsuitbarstingen. Een man, liggend in een vredig weiland op het Amerikaanse platteland, met zijn neus volledig aan gort geslagen. Het wordt bijna surrealistisch.
Ik kan mezelf wel voor m'n kop slaan, maar goed: van drie naar vier sterren, huppekee. Binnenkort maar weer eens Eastern Promises herzien. Nu nog drie-en-een-halve ster. Kijken wat er gebeurt...
Hobbit: An Unexpected Journey, The (2012)
Alternatieve titel: De Hobbit: Een Onverwachte Reis
Spectaculaire kinderfilm
The Hobbit is een onversneden spektakelfilm waar het 3D voor uitgevonden lijkt te zijn. De diepe dalen en torenhoge bergketens zijn duizelingwekkend en schitterend in beeld gebracht en Peter Jacksons meesterlijke gevoel voor detail maakt het allemaal nog mooier.
Het is daarentegen wel te merken dat het bronmateriaal helemaal niet zoveel om het lijf heeft als de schaal van de film doet vermoeden: Tolkiens The Hobbit is een kinderboek van driehonderd pagina’s. Een wezentje genaamd Bilbo Baggins vergezelt dertien dwergen in hun reis naar een berg om deze terug te veroveren van de draak Smaug. Jackson lijkt zich in dit eerste drie uur durende deel van een trilogie (!) bewust te zijn van de eenvoud van dit concept en dringt het dan ook zoveel mogelijk naar de achtergrond. In plaats daarvan krijgt de film de vorm van een aaneenschakeling van episodische calamiteiten waar de groep keer op keer zonder al te veel kleerscheuren uit weet te ontsnappen (die reuzenvogels komen wel érg gelegen, al hadden ze misschien die laatste paar kilometer nog even kunnen doorvliegen zodat de groep niet nog twee films naar die berg hoeft te kuieren).
Toch worden deze scènes met zoveel sensatie in beeld gebracht dat de film constant van toon wisselt. Een flauwe dialoog tussen drie sullige trollen en de hoofdpersoon Bilbo slaat om in een dodelijke strijd met epische soundtrack en gewelddadige choreografie wanneer de dwergen met zwaarden en bijlen ten tonele verschijnen. Maar in plaats van dat de proporties van de film zo naar een hoger niveau gebracht wordt, brengt het de kijker lichtelijk uit balans wanneer die zich afvraagt wat ook alweer het doel van deze onverwachte reis was; zoveel gewichtigheid als in The Lord of the Rings en toch zoveel minder dat op het spel staat.
Dat driekwart van alle personages die in de film voorkomen voor de comic relief lijkt te zijn doet het ook niet anders overkomen. Bilbo Baggins wordt nogal ongeïnspireerd neergezet door een schmierende Martin Freeman en zijn gezelschap bestaat voornamelijk uit teveel etende, drinkende en grappen makende individuen. Alhoewel, individuen? De dertien dwergen bewegen zich over het algemeen als één homogene meute voort, zonder dat er ook maar één naam blijft hangen. Alleen leider Thorin, die dienstdoet als een soort surrogaat-Aragorn, mag wat fronsen en over beladen zaken als eer en moed spreken. Helaas krijgt acteur Richard Armitage, net zoals vrijwel ieder ander in de film, vreselijk middelmatige teksten om in deze mono- en dialogen te gooien.
Maar dan is daar, halverwege de film, de scène tussen Bilbo en het mysterieuze wezentje Gollum. Het is in dit minutenlange moment van verademing tussen al die bombarie dat de computerkunsten van Peter Jackson en zijn team werkelijk zijn vruchten aflevert: Gollum lijkt levensecht; een daadwerkelijk personage waar Freeman zich tot kan richten, meesterlijk ontroerend neergezet door Andy Serkis in spandex die de beste prestatie in de hele film levert.
Het is ook in deze befaamde scène dat de zaadjes voor de verhaallijn in The Lord of the Rings worden geplant. Elders in de film waarschuwt tovenaar Gandalf al voor een naderend gevaar, wellicht groter dan Smaug. Jacksons jolige kinderfilm The Hobbit springt als een nalatenschap van deze grootse trilogie zo constant uit zijn voegen, maar het desalniettemin ontzagwekkende eindresultaat doet me uitkijken naar deel twee.
Hors Satan (2011)
Alternatieve titel: Outside Satan
Raadselachtig
Een mysterieuze man struint door het Franse duinlandschap, vergezeld door een tienermeisje. Zij is smoorverliefd, hij afstandelijk. Desalniettemin zorgt hij er hoogstpersoonlijk voor dat ieder die zijn metgezel kwaad doet het niet na kan vertellen.
Het blijft gissen naar wat Dumont wil vertellen met Hors Satan. Gaat het over de dunne lijn tussen goed en kwaad? Of over religie in onze samenleving? Over opoffering? Of misschien over de band tussen mens en natuur?
De schitterende beelden van Yves Cape en de dito kop en het het sterke spel van Dewaele kunnen niet voorkomen dat deze vragen constant de kop op blijft steken. De film is ongetwijfeld zwanger van betekenis, maar op geen enkel moment wordt duidelijk wat deze betekenis precies inhoudt. En die voortdurende frustratie voorkomt dat men zich door de film kan laten meeslepen, waardoor een uur en drie kwartier plotseling wel heel erg lang wordt.
Hot Rod (2007)
Het is misschien niet de meest subtiele komedie van de afgelopen jaren, maar juist in het groteske steekt het Hot Rod mijlenver boven het maaiveld uit. Zelden zo'n eigenzinnig pareltje van onsamenhangende flauwigheden gezien. Cool beans!
How High (2001)
Rotzooi
Een film die waarschijnlijk alleen goed is als je zelf als een garnaal op de bank zit, wat dus geen goede film maakt. Mijn vrienden deelden allebei een joint en hadden de tijd van hun leven; ik bedankte vriendelijk en moest een seksistische, racistische en hedonistische klucht van anderhalf uur uitzitten.
Het plot draait zogenaamd om een schijnbaar intelligent personage genaamd Ivory dat stompzinnig genoeg blijkt om zichzelf in de hens te steken en uit een flat te springen. Zijn vruchtbare as gebruiken zijn twee vrienden, Silas en Jamal, om wiet te groeien en wat blijkt? Iedere keer als het ze daar high van worden verschijnt de geest van hun vriend, die ze vervolgens kan helpen met hun examentoets die ze toegang verleent tot Harvard.
Tot zover het povere excuus dat door scenarist Dustin Lee Abraham en regisseur Jesse Dylan (zoon van de man die The Beatles introduceerde tot marihuana en zo een culturele revolutie teweegbracht) gebruikt wordt om Silas en Jamal in de meest ongebruikelijke setting te plaatsen, waar ze door hun levensstijl, geheel voorspelbaar, clashen met zo'n beetje iedere (stereotype) bewoner van het campus. Ivory verschijnt welgeteld nog twee keer, maar om dat verhaal draait het allang niet meer.
Waar het inmiddels nog wel over gaat? Ik moet zeggen dat ik de grootste moeite had enige coherentie te vinden in alle simplistische, vulgaire grappen die gebracht werden. De montage is zó rommelig dat het verhaal, voor een stonerkomedie, lastig te volgen wordt. De één na de andere willekeurige scène volgt elkaar zonder enige samenhang op, waardoor het onmogelijk wordt te bepalen welke richting How High nu eigenlijk opgaat. Naar een einde, hoopte ik alleen nog maar.
Kortom: een rommelige, aanstootgevende en vooral niet-grappige komedie die door een totaal gebrek aan samenhang bijna niet te volgen is. Helaas alleen zwaar onder invloed van te genieten.
