Ik kan nu veel tijd en moeite besteden aan een recensie, maar 'Ghoulies II' (1988) is gewoon ABSOLUTE CINEMA omdat er een monsterlijk gedrocht in een WC-pot kruipt en iemand bijt waar de zon niet schijnt. Alles met poppen in plaats van CGI of AI.
De stervende als vergrootglas voor trauma's uit het verleden. Ik heb zelf ook in mijn familie meegemaakt wat een snelkookpan aan emoties het stervensproces van een dierbare kan zijn. Allemaal pijn en ressentimenten die naar boven komen. Soms eindigt er ook iets tussen de nabestaanden. Soms is het een aanzet tot iets nieuws. Maar het sterven van een mensenleven zet zoveel andere dingen in werking dan alleen het verdwijnen van één individu. 'His Three Daughters' (2023) weet pijnlijk accuraat het ingewikkelde en frustrerende proces te thematiseren wanneer eigen grieven naar boven komen bij de nabestaanden. De onromantische kant van de dood: het wachten op het onvermijdelijke moment, terwijl de ruzies heftiger voelen dan anders. Er sterft immers ook een stukje van jezelf als een dierbare wegglijdt naar het oneindige.
De kleinschalige opzet van 'His Three Daughters' (2023) werkt goed om de beklemming van het moment te weerspiegelen. Drie totaal verschillende persoonlijkheden moeten fysiek tijd en ruimte met elkaar doorbrengen tijdens zo'n emotioneel heftig moment als de stervende ouder. De vrije geest Rachel (Natasha Lyonne) bracht het meeste tijd met haar vader door, maar zij moet ruimte geven aan de muizige Christina (Elizabeth Olsen) en de bazige Katie (Carrie Coon). Opeens kan zij niet meer vrijelijk blowen of haar bezoek ontvangen. Op hun beurt ergeren Christina en Katie zich aan het gebrek aan verantwoordelijkheid dat hun (pleeg) zus lijkt te tonen. Haar vermijding om hun stervende vader onder ogen te komen. Haar constante vlucht in drugs, alcohol en gokken. Ergens wringt het ook dat juist de minst maatschappelijk succesvolle zus hun ouderlijk huis zal erven.
Echte mensen zijn triviaal en onhebbelijk, zeker in tijden van nakend verlies. Zo heb ik genoten van de heerlijk onuitstaanbare wrijvingen tussen zussen in 'His Three Daughters' (2023). Het is ook niet een film die voor Hollywood-oplossingen gaat en de spanningen tussen hen definitief zal oplossen. Je voelt aan alles dat deze vrouwen voor een groot deel uit elkaar zullen groeien, terwijl ze voor even samen zijn in het verlies van een ouder. De suggestie ligt open dat er iets van wederzijds begrip is ontstaan in dat hectische samenzijn in het beklemmende appartement. Maar zal het genoeg zijn? Ze hebben in elk geval elkaar in hun gezamenlijke verdriet. Al zal de vader zelf nooit meer kunnen zeggen wat hij werkelijk voor hen voelt.
Het is weer eens wat anders dan true crime-verhalen over seriemoordenaars, familiemoorden en gladde oplichters. 'Misha and the Wolves' (2021) gaat dieper in op de kwestie rond bestsellerauteur Misha Defonseca en haar compleet verzonnen Holocaustverhaal. Bijna een Disney-vertelling met een barre tocht door de wildernis met wolvenvriendjes. Met de kennis van nu is het enigszins verbazingwekkend dat mensen zo graag wilden geloven in dit sprookje. Toch betoogt de documentaire dat er meer werkelijkheid in Defonseca's fantasie is geslopen als je de gebeurtenissen niet letterlijk neemt. Wat als de symboliek onbewust verwijst naar haar schuldgevoel over haar vaders discutabele rol in de oorlog? 'Misha and the Wolves' (2021) is mooi geschoten en filmisch opgebouwd, maar het blijft daarmee ook aan de oppervlakte. Zo leveren de psychologische drijfveren opnieuw een mooi verhaal op, maar ergens bekruipt bij mij ook weer het gevoel dat het opnieuw voorbij gaat aan banalere motieven: haar leugen leverde de fabulante immers geld en aandacht op. We willen zo graag iets groots zien in het pijnlijke verleden.
De ultieme test van vertrouwen. De ontsnapte gevangene Frank (Josh Brolin) en depressieve huismoeder Adele (Kate Winslet) komen nader tot elkaar in een gijzelingssituatie. Bijna tegen zijn zin moet de geharde crimineel moeder en zoon gijzelen om zelf te ontsnappen aan zijn gevangenisleven. Eerst is het een gespannen en delicate situatie, maar daarna ontstaat er een wederzijdse afhankelijkheidsrelatie tussen de twee. Voor even lijkt alles in balans met een vaderfiguur die weer hoop, stabiliteit en betekenis lijkt te geven. Maar de zoon gaat twijfelen of de liefdesgeschiedenis wel past binnen zijn eigen toekomstdromen. Echt een heerlijke tearjerker met een rauw randje. 'Labor Day' (2013) levert veel in op geloofwaardigheid, maar het heerlijke spel tussen Kate Winslet en Josh Brolin neemt je toch mee in deze romantische fantasie. De liefde als een bliksemschicht die ons soms treft op het perfecte moment, ook al is het geen lang leven beschoren.
Te vroeg gepiekt. 'Final Destination: Bloodlines' (2025) verschiet zijn eigen kruit met een krachtige openingsscène waarin alles samenkomt. De verwachtingsvolle tieners in de 'swinging sixties' die een pas gebouwde uitkijktoren bezoeken. Een beetje angstig, maar zeker ook onder de indruk van een magnifiek bouwwerk dat grootsheid, opulentie en toekomstdromen uitstraalt. Maar in een Final Destination-film weet je welk wrede lot de personages staat te wachten. De droom stort genadeloos in en laat de achterblijvers beschadigd achter. En dan begint de eigenlijke film in de tegenwoordige tijd, met een wat suffe invalshoek over voorspellende gaven en bloedlijnen. Op het moment van schrijven moet ik zelfs moeite doen om me te herinneren wat er allemaal is gebeurd, want het heeft zo weinig indruk gemaakt. Ik vond de overdaad aan bloedeloze CGI storend, dát herinner ik me nog wel.
Fictie en non-fictie liggen dicht bij elkaar. Dat bewijst ook het speelse meta-narratief in 'Shirkers' (2018) waarmee de documentairemaakster Sandi Tan op zoek gaat naar redenen waarom de fictiefilm uit haar jeugd nooit is afgemaakt. Deels een coming-of-age vertelling over opgroeien in het Singapore van de jaren negentig. Deels een autobiografische film over jonge mensen die met elkaar het ondenkbare waar proberen te maken en door een soort cultgoeroe worden geïnspireerd om de grenzen te verleggen van hun eigen kunnen. Deels ook een moordmysterie rond de moord op de jeugdige dromen, idealen en hoop op de toekomst van jonge Singaporese filmstudenten die arthousecinema tot leven wilden brengen.
Met haar zoektocht in de vorm van een documentaire geeft Sandi Tan haar fictiefilm nieuwe betekenis. Het ruwe en geluidloze materiaal wordt in een breder perspectief geplaatst en krijgt context. Daarmee komt zij terug op de unieke positie die 'Shirkers' (1992) als fictiefilm hád kunnen hebben in de Singaporese arthousescene van de jaren negentig. In die tijd was er namelijk weinig competitie van andere soortgelijke films. Zou haar debuutfilm zelfs internationaal opgepikt kunnen worden als vroege versie van een bepaalde stijl die in de late jaren negentig zou exploderen? Haar merkwaardige stijl deed immers zo sterk denken aan existentiële cultfilms als 'The Virgin Suicides' (1999) en 'Ghost World' (2001). Met een 'onschuldig' tienerperspectief rond dolende personages die in een dromerige wereld zichzelf zoeken. Vol venijnige dialogen en excessief geweld.
De mengeling van fictie met non-fictie maakt 'Shirkers' (2018) tot een fascinerende zit. Bij vlagen ligt het gevaar van navelstaren en zelffelicitering op de loer, omdat Sandi Tan niet onder stoelen of banken steekt dat zij haar onafgemaakte debuutfilm een belangrijke plek toedicht in de filmgeschiedenis. Maar ergens werkt die insteek bezwerend omdat het zo goed past bij de pijnlijke realisatie dat het bronmateriaal nooit uitgewerkt zou worden tot iets concreets. Het wringt dat we het antwoord nooit meer zullen krijgen. Op dezelfde manier werkt het evenzeer dat we nooit sluitende antwoorden krijgen op wat 'slechterik' Georges Cardona heeft bewogen om 'Shirkers' (1992) toe te eigenen en liefdevol bij zich te houden.
'Shirkers' (2018) schetst een enigmatisch en cryptisch beeld van 'Shirkers' (1992) als een film die nooit mocht zijn. Sandi Tan heeft nu in elk geval haar eigen verhaal kunnen afmaken met een documentaire, maar sommige mysteriën rond de totstandkoming blijven bestaan. De film eindigt met de prachtige scène van jonge acteurs in een wasstraat. De borstel en het schuim versluieren hun blik op de toekomst. Zij weten nog niet dat hun acteerwerk 'verloren' zal gaan in een ongemonteerde en geluidloze versie. Een koortsige tienerdroom of een stukje filmgeschiedenis? Of allebei? De enige zekerheid is dat ze met elkaar geprobeerd hebben om de Singaporese cinema op de kaart te zetten. Nu hebben we de documentaire als tastbaar bewijs.
De underdog als actieheld. 'Novocaine' (2025) voelt een tikkeltje sleets als het zoveelste John Wick-aftreksel waarin een 'gewone man' plotseling in extreem bloederige gevechten terechtkomt. Hier dan vanuit de gimmick dat hoofdpersoon Nate (Jack Quaid) geen pijn kan voelen. Al moet ik eerlijk zeggen dat het uitgangspunt wilder en geflipter had kunnen zijn, want het blijft allemaal een beetje tam. Toch een halve punt erbij voor de schattige chemie tussen Jack Quaid en Amber Midthunder. Het staat me uiteindelijk meer bij dan de actiescènes.
Als gameplay centraal staat in de verfilming. Het viel me bij 'The Super Mario Bros. Movie' (2023) al op hoe de film speelde met nostalgische gameplay-elementen. Niet een eigen filmische vertelling in de wereld zelf, maar gameplay als essentieel onderdeel in het eigen narratief. Een beter voorbeeld daarvan is de Japanse mysteriefilm 'Exit 8' (2025), waarin een hoofdpersoon spelletjes moet spelen om zien te overleven. Er is een soort vanzelfsprekendheid gekomen in het trots verwijzen naar gameplay. Niet meer uit de weg gaan wat het oorspronkelijke bronmateriaal eigenlijk is.
En nu is er dan 'Resident Evil' (2026) van Zach Cregger. Deze verfilming heeft weinig met de games te maken en tegelijkertijd alles. In elk geval niet in de aanwezigheid van vaste protagonisten als Chris Redfield, Jill Valentine en Leon Kennedy. Toch is het een feest van herkenning voor liefhebbers van de vroege games, omdat de film constant met ironische knipogen komt naar overbekende clichés. De houterige en stijve gameplay waarbij een held consequent zijn doel mist. De schaarse kogels om hordes zombies tegen te houden. Steeds nieuwe wapens tegenkomen. De knotsgekke boss battles. De constante aanwezigheid van deuren en trappen als overgangsruimtes. Je kunt het zo gek niet bedenken.
Cregger ontpopt zich meer en meer als interessante horrorregisseur. Het is me zelf nog niet gelukt om 'Weapons' (2025) te zien, maar in 'Barbarian' (2022) ging Cregger al heerlijk los met een onverwachte potpourri aan verschillende elementen. Hier werkt het goed dat 'Resident Evil' (2026) als liefdevolle hommage een onvoorspelbare achtbaanrit vormt van overbekende clichés. In het nieuwe medium krijgen ze een andere betekenis. De helletocht van de prutsende koerier Bryan (Austin Abrams) wordt cynischer en wranger. Een beetje zoals gamers in 'survival horror games' zich zelden werkelijk competente helden voelen. Het is een genre voor onhandige underdogs die stuntelend steeds weer nieuwe uitdagingen tegenkomen, terwijl er iets te vaak een game over over het scherm rolt. De helden op het scherm zijn in werkelijkheid gefrustreerde gamers.
'Naza' (2026) is niet meer of minder dan een meesterstuk. In de eerste plaats om de journalistieke relevantie in de manier waarop filmmakers Yuval Abraham en Rachel Szor 24 (ex-) soldaten van het IDF aan het woord hebben gekregen. Helaas anoniem, want in het huidige Israël is er geen enkele ruimte voor serieuze kritiek meer op de eigen oorlogsvoering. De kans op uitstoting of vervolging was reëel, zoals ook is gebleken uit de reacties op de documentairemakers zelf. Toch is het Abraham en Szor gelukt om zelfs hooggeplaatste officieren aan het woord te krijgen over de schokkende mechanismen achter de stedelijke oorlogsvoering. Uit hun gesprekken komt een kil en bureaucratisch beleid naar voren, waarin artificiële intelligentie en grootschalige privacyschendingen doelbewust worden ingezet tegen burgers. Kleine kinderen als 'naza' (nevenschade) voor een groter doel.
In de tweede plaats toont 'Naza' (2026) de mens achter de oorlogsmachine. Ik hoorde de schrijfster/documentairemaakster Natascha van Weezel in een televisieprogramma benoemen dat de geïnterviewde Israëliërs ook maar mensen zijn. Je hoort ze zuchten, twijfelen, een brok in de keel hebben, je hoort de spanning in hun stem en soms zijn ze schichtig als er bijvoorbeeld een bommelding afgaat. De observatie van Van Weezel werd op sociale media vanuit meer activistische hoek heel negatief uitgelegd als dat ze het natúúrlijk opnam voor de Israëliërs. Maar 'Naza' (2026) is inderdaad zo krachtig omdat de geïnterviewden zo fascinerend menselijk zijn in al hun morele gelaagdheid. Je ziet Hannah Arendts filosofische concept van 'De banaliteit van het kwaad' welhaast tot leven komen in de alledaagsheid waarmee gewone mensen tot onmenselijke beslissingen konden komen.
De kwestie Israël/Palestina is diep gepolariseerd, maar 'Naza' (2026) waakt ervoor om dingen terug te brengen tot gemakzuchtige talking points. Juist ook omdat de geïnterviewden zo menselijk in beeld worden gebracht, krijg je ook een pijnlijk en uniek inzicht in het Israëlische perspectief. Niet als slachtoffers maar als daders. Sommige geïnterviewden hebben diep berouw over hun eigen rol. Anderen lijken maar amper hun eigen trauma te beseffen. Een enkeling plaatst er kanttekeningen bij, maar staat nog steeds achter de processen. Hoe komen normale mensen tot het plegen van oorlogsmisdaden? Wat doet het met een land als het vijanddenken een blinde vlek oplevert richting het eigen handelen? En hoe kom je als mens én als natie de prijs te boven van de zelf aangerichte verschikkingen?
In de laatste plaats is 'Naza' (2026) onverwachts ook visueel een imponerende film. Dat lijkt wat vergezocht als je op het eerste gezicht die geanonimiseerde interviews ziet op de daken van gebouwen. Maar stijl en inhoud komen perfect samen in de bijna voyeuristische keuze om Tel Aviv te filmen vanaf een afstand. Door de ramen van flatgebouwen zie je gewone Israëliërs hun alledaagse levens leiden. Alsof we als kijker zelf worden meegenomen in het perspectief van een drone die over alledaagse levens vliegt en kille berekeningen maakt over welke levens er opgeofferd mogen worden voor het grotere belang. Tussen de regels dringt bij mij het gruwelijke besef op dat deze onschuldige burgers óók niet de hardvochtige afrekening verdienen die Gazanen dagelijks ondergaan. De prijs van daderschap mag namelijk nooit het opofferen zijn van onschuld.
(Het blijft een lastig onderwerp. Ik heb netjes gewacht tot na 7 oktober om deze recensie te schrijven, want ik vind dat je altijd respect moet houden voor het waardig herdenken van menselijk leven. Blijf de mens zien in de ander.)
Ouderwetse horrorkomedie. 'Deadstream' (2022) gooit vette clichés over influencers in een heerlijke over-the-top wereld vol occulte rituelen, demonen en geesten. Je plezier aan deze film hangt wel een beetje af van de mate waarin je bereid bent om de onuitstaanbare hoofdpersoon te accepteren. De narcistische Shawn (Joseph Winter) schmiert erop los als hij bedelt voor likes, views, sponsor deals en media-aandacht. Het leidt tot een hilarische confrontatie als hij de ultieme tegenstander heeft gevonden in de eeuwenoude krachten. Overigens ook de zeldzame found footage die alles mooi op beeld weet te krijgen, mede omdat de aandachtsgeile influencer overal camera's achterlaat.
In een goede komedie zie je de mens in alle lelijkheid terug. Kleinzielig. Gemeen. Hypocriet. Herkenbaar onuitstaanbaar. In een slechte komedie moeten irritante karakters het doen met stompzinnige clichés. De cast in 'Little Brother' (2026) bestaat uit halve psychopaten, maar het abominabele script doet alsof we sympathie voor ze moeten hebben. Ergens zit nog een poging tot feelgood tussen de vunzige seksmoppen en poep- en pieshumor.
Zo zoet als tiramisu bij dat Italiaanse restaurant bij jou in de buurt. Met authentieke cuisine heeft het weinig van doen, maar het roept toch een positief verlangen op naar een Italië uit de reisboekjes. Het ietwat bespottelijke plot in 'Solo Mio' (2026) hangt namelijk aan elkaar van Italiaanse clichés en ongeloofwaardige verwikkelingen. Rome is net zo weinig Rome als Parijs in 'Emily in Paris' of in het klassieke zoete hapje 'Le Fabuleux Destin d'Amélie Poulain' (2001). Maar maakt het uit? Kevin James is uiteindelijk toch het leukst als je de olijke dikkerd koppelt aan een iets te knappe vrouw en de twee chemie hebben met elkaar. Af en toe een hinniklach en een obligate traan, terwijl de Italiaanse fantasie over het scherm rolt als een gelikte advertentie voor een reisbureau. Geef mij ook de Trevifontein, het Colosseum en het landelijke Toscane. Ik ben zelfs bereid om de onuitstaanbare zeikmuziek van Andrea Bocelli en Ed Sheeran te doorstaan!
Voor veel Palestijnse migrantenkinderen zijn hun eigen alledaagse ervaringen losgekoppeld van het Palestina waar hun (groot)ouders nog levendige herinneringen aan hebben. Een zoet en geromantiseerd verlangen naar iets, maar tegelijkertijd het pijnlijke besef dat er nog steeds Palestijnen lijden. Maakt het je minder Palestijns als je je op afstand bevindt van hun lijden? Of is een Palestijnse identiteit iets wat landsgrenzen, politieke ideologieën en verschillende maatschappelijke posities overstijgt? In 'Yalla Parkour' (2025) probeert de Palestijnse documentairemaakster Areeb Zuaiter haar eigen familiegeschiedenis in Gaza terug te brengen in de videogesprekken met de jonge parkouratleet Ahmed Matar.
Ze zijn hetzelfde en toch zo anders. Areeb groeide in veiligheid op in verschillende westerse landen, terwijl Ahmed opgroeide tijdens verschillende intifada's. Voor Areeb is Gaza een onbereikbare droom uit de dromen van een moeder die de rest van haar leven droevig was over het verlies van een thuis. Voor Ahmed is Gaza als een reeks obstakels waar hij op een dag heeft besloten dat hij overal op wil klimmen, klauteren, overheen wil springen of rennen. Met gevaar voor eigen leven maakt hij zich begraafplaatsen en pas gebombardeerde gebouwen eigen. Parkour is voor hem een weg om eruit te komen. De dood of de gladiolen. Het is beter leven dan geleefd worden door machteloosheid. Vanuit haar veilige positie ziet Areeb de levensgevaarlijke sport aan met een mengeling van bewondering en bezorgdheid, maar het raakt haar vooral hoe doortastend de jongen is.
Maar net als de ouders van Areeb wil ook Ahmed een toekomst opbouwen. Zijn leven is geen romantische fantasie. Hij wil weg uit Gaza. Zich kunnen focussen op zelfontplooiing in de veiligheid van een plek waar niet elke stap de laatste kan zijn, zoals hij ook heeft ervaren toen een goede vriend zwaargewond raakte bij het beklimmen van een gebouw. Na een tergend bureaucratisch proces weet Ahmed na jaren toch een status te krijgen in Zweden. Het parkour uit zijn jeugd wordt voor de volwassen sporter een heuse carrière. Het levert hem naamsbekendheid en perspectief op.
De duistere schaduw van de politieke situatie na 7 oktober hangt boven 'Yalla Parkour' (2025). Zowel Areeb als Ahmed wisten net op tijd te ontsnappen aan de gruwelijkheden die dagelijks over onze beeldschermen trekken en waar we zo weinig aan lijken te kunnen doen. Wrang genoeg wordt ook Ahmed een Palestijn op afstand die losgekoppeld raakt van het leed van dierbaren. Toch vind ik de kracht van de documentaire dat het politiek geladen onderwerp wordt teruggebracht tot mensen met gemeenschappelijke dromen en verlangens. Over Gaza als een plek waar mensen niet kunnen zijn en toch zo diep naar verlangen. Waar een gemeenschappelijke Palestijnse identiteit sterker resoneert dan de politieke krachten die haar proberen te beteugelen.
Het leven is een spelletje. In positieve zin weet '8-ban Deguchi' (2025) de logica van videogames te vertalen naar een speelfilm. Van de bevreemdende openingsscène in first person view, waarin de naamloze protagonist verdwaald raakt in een schaduwwereld vol haastende forenzen en het spookachtige schijnsel van mobiele telefoons. Het geschrei van een baby en een verwarrend telefoontje brengen hem terug in de realiteit. Totdat hij opeens in een cyclisch spel terechtkomt - de Exit 8 uit de titel - waarin hij moet zoeken naar anomalieën om het juiste pad naar de uitgang te vinden. De uitdagingen worden steeds extremer en surrealistischer, terwijl er zich andere deelnemers aandienen die zijn moraliteit op de proef stellen.
De perfecte adaptatie van een videogame levert niet per se de meest onderhoudende film op. Zonder een controller in je handen staat er bijzonder weinig op het spel als een hoofdpersoon beslissingen moet nemen. Het voelt in '8-ban Deguchi' (2025) een beetje alsof je meekijkt met je grotere broer. Er gebeuren amusante dingen op het scherm. Ergens kriebelt het om zelf mee te doen, maar uiteindelijk ben je machteloos om dingen te veranderen. Dan worden de constante herhaling en het cyclische karakter van het narratief zelfs een tikkeltje tergend. Zeker omdat de 'dreiging' zo abstract blijft als een soort monotoon vagevuur waarin een mens wordt afgestraft voor verkeerde beslissingen. Thematisch dan wel weer een aardige metafoor voor de angst om verantwoordelijkheid te nemen als moderne technologie iedereen terugwerpt op het individu.
Alternatieve titel: The Voice of Hind Rajab, 9 september, 09:26 uur
Schreeuw van de machtelozen
Het is een knappe verdienste dat regisseuse Kaouther Ben Hania in 'The Voice of Hind Rajab' (2025) het onbeschrijfelijke leed van het gestorven meisje weet te vertalen naar een publieksfilm. Respectvol en afgewogen, maar vooral ook zonder daarmee de complexiteit van de materie uit het oog te verliezen. Via de hulpverleners van de telefoondienst dringt die ene gruwelijke vraag zich aan de kijker op: weegt het leven van één meisje op tegen de mogelijkheid dat ambulancepersoneel zelf vermoord kan worden? Hoe kan iemand het moreel juiste doen in de bureaucratische nachtmerrie die Israël doelbewust heeft gecreëerd om de mensenrechten van Palestijnen te schenden!? Iedere Palestijnse hulpverlener is even machteloos. De telefoonmedewerker die steeds bozer wordt als er geen ambulance naar het slachtoffer rijdt. Zijn leidinggevende die een klik heeft met het meisje, maar verder niks anders kan bieden dan valse hoop. De rationele planner die simpelweg geen opties voorhanden heeft. Zelfs de psychologische begeleidster heeft geen antwoorden meer om hulpverleners en slachtoffers door dit gruwelijke onrecht heen te slepen. Hind Rajab zal eenzaam sterven. Zonder reden. Zonder hoop.
Koeien voor vrijheid. 'The Wanted 18' (2014) is een bevreemdende mengeling van autobiografie, animatie, oral history en een journalistiek verslag van de gebeurtenissen rond Beit Sahour. Het hart van deze documentaire vormt de wonderlijke geschiedenis van de komst van achttien koeien, zodat de Palestijnse dorpelingen zelf hun eigen melk kunnen produceren. Voor de Palestijnen biedt de komst van de koeien een klein beetje hoop tijdens hun vreedzame protest tegen de onderdrukker, terwijl dezelfde koeien voor de Israëliërs een potentieel veiligheidsrisico vormen. Want wat als vrijheid en onafhankelijkheid werkelijk binnen handbereik komen? Er volgt een absurdistisch kat-en-muisspel om de koeien uit handen van het Israëlische leger te houden. De wonderlijke mengeling van rauw realisme en dromerige fantasie maakt 'The Wanted 18' (2014) tot een warm portret van het geweldloze verzet binnen de Palestijnse vrijheidsstrijd.
Op de automatische piloot. 'Normal' (2025) is een soort mengeling van 'small town America' uit 'Fargo' (1996) en de actiefilmparodie uit 'Hot Fuzz' (2007). Maar uiteindelijk drijft het volledig op het charisma van Bob Odenkirk als getraumatiseerde inval-sheriff die geen verantwoordelijkheid meer wil nemen. En het moet gezegd worden: Odenkirk levert elke keer weer een vermakelijk typetje op dat zo'n nikserig vehikel kan dragen. Van de actie zelf moet je het in 'Normal' (2025) niet écht hebben, want het is repetitief, rommelig en cartoonesk op de verkeerde manier.
'The Last House' (2026) had zomaar een vehikel kunnen zijn van M. Night Shyamalan. Het zouteloze en vreemde acteerwerk. De opzet van een voorspelbare genrefilm, maar dan steeds net iets anders dan je verwacht. En natuurlijk vooral de ene twist die opeens alles in een ander perspectief plaatst en je anders laat kijken naar de eerdere gebeurtenissen. Al is Louis Leterrier wel een fractie minder pedant en enigmatisch dan M. Night Shyamalan, want uiteindelijk krijgen we de Eldritch horror gewoon te zien. Wel veel gemakzuchtige CGI op onnodige momenten, zoals de apocalyptische regen en de dieren die rond het huis rondzwerven.
Er is een bepaald slag Republikeinse mannetjes met onkreukbare scheidingen en perfecte tanden dat de wereld toch steeds net iets lelijker weet te krijgen. Of zoals zo'n onuitstaanbare gladde aal als openbaar aanklager John Tanner. Ik kende het treurige verhaal van Aileen Wuornos vooral uit de prachtige film 'Monster' (2003) met Charlize Theron. Maar het is toch anders als je in archiefbeelden ziet van hoe vooringenomen en seksistisch het strafproces van start is gegaan. Deze ongepolijste dame verdiende absoluut een zware straf, maar niet ten koste van recht en rechtvaardigheid. Belangrijke details uit het proces laten. Haar onder druk zetten bij de eerste verhoren. De verkrachtingen afdoen als een bijzaak in het geheel of zelfs ontkennen.
Als je de scherpe kantjes afvijlt van een cultklassieker als 'Lola Rennt' (1998). Ik had 'The Runner' (2026) opgezet om me lekker te verkneukelen om het abominabele acteerwerk van Gal Gadot, maar het valt me alleszins mee. Ze doet wat ervoor nodig is in een fysieke rol waarin het eigenlijk belangrijker is dat ze geloofwaardig hardloopt dan dat ze een sterrenperformance neerzet. En in die zin krijg je ook waar voor je geld, want London komt tot leven als een surrealistisch rampenparcours waarin iedere slenterende tegenligger probeert om de gesjeesde hardloopster te dwarsbomen. Het is nog best amusant als zij wordt geschept door een auto of telefoons jat en dan probeert om contact te leggen met anderen. Alleen jammer van het oerdomme einde, waarin ze kiezen voor de meest ongeloofwaardige oplossing.
Verrassend leuk. Laat het aan een horrorregisseur als Christopher Leone over om de schaduwkanten te laten zien van het werk als Amerikaanse ambulancebroeder. Met een heerlijke Rainn Wilson als de getergde en uitgebluste Randy, die met enig cynisme ziet dat zijn vak niet voldoende op waarde wordt geschat. Het maakt 'Code 3' (2025) tot een hoogst amusante laatste rit vol viezigheid, bizarre toestanden en oprecht emotionele momenten. Naar verluidt krijgen we een goed beeld van de misstanden in de Amerikaanse gezondheidszorg, zoals de bizarre 24-uurs diensten voor ambulancepersoneel en de torenhoge ziektekosten.