- Home
- cinemanukerke
- Meningen
Meningen
Hier kun je zien welke berichten cinemanukerke als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Bad Timing (1980)
Alternatieve titel: Bad Timing: A Sensual Obsession
Toen we kennis maakten met bad timing was het een mooie zonnige lente dag buiten maar toen de eindcredits voorbij rolden, was het binnen in onze studentenkamer eerder kil en koud. We waren getuige hoe obsessie en paranoia een passionele liefdesrelatie volledig heeft verstikt. Personages flirten met zelfdestructie en op het einde wordt de sfeer donker, zeer donker. Terug naar het begin waar we worden verwelkomd op de tonen van Invitation to the blues van Tom Waits (jongens wàt een song ; we kunnen de dampende sigaretten en de walmen van liters alcohol ruiken – bruine kroegen waren ons toentertijd niet vreemd). De toon is gezet want blues is nog een eufemisme. Mensen kunnen klootzakken zijn in een relatie als hun ego aangetast wordt. We waren nog jong en onervaren maar ergens begon er bij ons een lichtje te branden dat relaties weleens serieus kunnen ontsporen, dat er een donkere kant aan vast zit, machtsspelletjes waarbij niemand gespaard blijft. Een treffende scene is wanneer Alex (een verontrustende Art Garfunkel) zich probeert te verzoenen met Milena (een wispelturige Theresa Russel) bij de universiteit. Eerst is er affectie (met een klassiek piano score als begeleiding) dan begint terug achterdocht en wantrouwen de kop op te steken (de score is nu scherper, grilliger) tot het eindigt in slaande ruzie. De onmogelijkheid tot liefhebben, we weten er nu meer van. Cineast is Nicolas Roeg, een Brit die nu in de vergeethoek is geraakt en die sinds de jaren 90 met moeite 2 films heeft kunnen maken waar geen kat kwam naar kijken. In de jaren 70 en 80 behoorde hij echter tot de masterclass van UK cinema. Performance (met co auteur Donald Campbell), Don’t look now, Eureka, Insignificance : allemaal knappe films, de moeite waard en inventief met een eigenzinnige narratieve structuur. De mis en scene van Roeg wordt in de filmboeken associatieve montage genoemd. Mengeling van flashbacks en heden, volgorde van scenes volgen de weg van het geheugen en niet van de tijd. Cross cutting van vb erotica naar een operatie tafel of van de kamer van Garfunkel naar de kamer van Keitel waarbij hetzelfde schilderij hangt. Zijn films baden dan ook in een roes van mysterie (wat betekent het laatste shot?) en desorientatie. Een imponerende Theresa Russel (vrouw van Roeg en 7 films samen – daarbuiten vreemd genoeg maar een handvol goede films) als de verleidelijke (het shot waarin ze met haar benen de weg verspert voor Garfunkel is hemels) vrouw die uiteindelijk ten onder gaat. Er is ook nog Harvey Keitel als de inspecteur die vermoedt dat de zelfmoord niet is wat het lijkt (en een obsessie krijgt voor het koppel – ook een courant thema bij Roeg). Als we ons baseren op cinematografische kwaliteiten is Don’t look now zijn zuiver meesterwerk maar Bad Timing was de eerste film die we te zien kregen van Roeg en die coup de foudre is altijd blijven hangen. Zoals de introductie van de alom geprezen Alex Cox (sorry moet zijn Mark Cousins) uit Moviedrome kernachtig samenvat : Whenever you think of bad timing you’ll freeze as if someone just walked over your grave; Bad timing can do that to you.
een uittreksel uit mijn boek 'mijn 100 favoriete films' met op nr 97 - Bad timing
Body Double (1984)
Ach, de zomer van 85. Het staat me nog scherp voor de geest. Het moment dat ik Body Double voor het eerst zag. Een warme namiddag. Op zoek naar onze eerste studentenkamer slenterden we rond in de grote stad. Opeens rees voor ons in de verte een imposant gebouw op. Het bleek te gaan om het nieuwe bioscoop complex, de Decascoop. Dit moesten we ontdekken. We kochten een ticket voor BD (die poster deed het hem !) en gingen binnen in die donkere gangen. We duwden die grote klapdeuren van zaal 4 open en namen plaats op de derde rij. Het zou een constante worden in de komende jaren. Eenmaal plaats genomen, begon de betovering. De flitsende introductie van Dolby Stereo (waw surround geluid) en de film startte (De Palma presents, die camerabeweging van een volle maan naar een graf, het gehuil, die muziek) en we waren direkt overweldigd door de magie van Body Double. Toen besefte ik dat film meer was dan een verhaaltje. Film kon ook kunst zijn in vertellen met beeld en geluid want wie zweert bij een verhaal met drama en geloofwaardigheid heeft hier niks te zoeken. Body Double is een uiterst geraffineerde bouwkit van de cinematografie. Als een volleerd 'master of suspense' houdt De Palma ons in de ban. Hoogtepunt is de lange achtervolging in het winkelcentrum dat nog verder loopt op het strand. Daarin zit één van zijn befaamde long takes met een perfect choreografie van acteurs die in en uit beeld lopen. De camera opstelling is een straf staaltje cinema kunde. Er is de score van Donnagio met 3 thema’s (de melodramatische, de verleiding en de suspense). Een interessante casting met Deborah Shelton die indertijd furore maakte bij Dallas. Hier is zij perfect gecast als de mysterieuze vamp/droomvrouw Gloria. Dan is er de onbekende Craig Wasson als de held Scully die in feite een loser is. Melanie Griffith zet haar Holy Body perfect neer, het is dan ook niet verwonderlijk dat ze dan verschillende comedies heeft gedaan. Door Griffith te casten wou De Palma zijn link met Hitchkock nog dikker in de verf wil zetten. Immers, in de periode van 76 tot 84 heeft hij vooral inspiratie geput uit het oeuvre van Hitchkock. Niet alleen dus bij BD waar hij kwistig rond strooit met hints aan Rear window, Dial M for murder en Vertigo maar ook Obsession (Vertigo), Carrie (Psycho), Dressed to kill (Psycho) en het superieure Blow out (alweer Psycho). Waarom kiezen we echter voor BD ? Het moet één van de grappigste films van De Palma zijn, we hebben ons kostelijk geamuseerd (iets wat we te weinig in zijn werk zien). Als een echte kwajongen steekt hij de draak met de filmindustrie in het algemeen en naar de porno wereld in het bijzonder. Hoe kun je anders de scene met Frankie goes to Hollywood interpreteren ? Een rock clip porno film wordt het genoemd. In elk geval : lachen. Een muzikaal moment in een thriller, MTV begon aan zijn opmars en dat was De Palma niet ontgaan. Maar de vele knipogen zijn niet alleen ironisch bedoeld. Het is ook zijn stijlkenmerk. Wat we zien is niet wat we denken te zien. Daarom gebruikt De Palma af en toe het procédé : film in een film. Het begint al meteen met die vampier scene. Pas na een tijdje hebben we door dat dit een film in een film is, we zijn op het verkeerde been gezet (overigens ook Blow out start zo). Daarna (tijdens de generiek) krijgen we overgoten zonsondergang te zien ... dat in feite een billboard is. Niets is wat het lijkt. Het zal gans de film (en de carrière van De Palma) domineren nl wat ze in Frankrijk noemen een ‘trompe d’oeil’. Ook inhoudelijk want ook onze held wordt gemanipuleerd in zijn observaties. In het scenario van De Palma en de illustere onbekende Robert J Avrich (die nog slechts enkele tv films daarna deed) wordt de dubbelzinnigheid van het woordje 'To act' centraal gesteld. Handelen en/of doen alsof. Scully is medeplichtig aan moord omdat hij niet handelde (Not to act). De man is echter een acteur en moet acteren (to act). Zijn claustrofobie kan hij enkel overwinnen als hij handelt (to act). Als pion van een complot bestaat zijn deel als getuige (his act) maar hij hield zich niet aan het script. Het einde is nogmaals een uitleg over de titel dat eveneens een term in de filmwereld is (wat op zich ook een trompe d’oeil is). Hoe men de kijker manipuleert met stand-ins. De waarheid verbergen via een body double ; dat is de clou van de film én van Hollywood ! Tevens een verwijzing naar zijn vorige film Dressed to kill waar de begeerlijke Angie Dickison (of althans voor een stuk) in de douche stond. De film kreeg veel kritiek bij de release. Het porno gedeelte zorgde voor laatdunkend commentaar. Gratuit sex, sleezy, trash. De film kreeg zelfs een Golden raspberry nominatie. Nu ja, De Palma had wel affiniteit met het genre, schuwde geen naakt in vorige films. Er werd zelf eerst aan een heuse porno actrice gedacht om Holly te vertolken, dan wou men Silvia Kristel voor de rol van Gloria en naar verluidt wou De Palma met sex scenes nog verder gaan maar werd door de studio ingebonden. Het toonde een rebelse attitude tegenover de industrie die hem jaren later nog last zou bezorgen. BD staat bol van referenties zodat de film wat speels en lichtvoetig overkomt maar De Palma zet hier wel een meesterlijke vertelling neer. O ja, we hebben dan toch nog een studentenkamer gevonden; Het was vlakbij de Decascoop cinema.
Een uittreksel uit mijn boek 'mijn 100 favoriete films' met op nr 60 : Body double
Breakfast Club, The (1985)
Mag ik even de helden van de jaren '80 voorstellen ? We hebben Arno die met zijn TC Matic de wereldsong ‘Oh la la la …’ elke parochiezaal onveilig maakte, we hebben Georges Grun die België voorbij het ongenaakbare Rusland kopte tijdens de wereldbeker (België in de halve finale !), we hebben Guy Mortier en Mark Uytterhoeven die in het radio programma 'de taalstrijd' verbale humor op een hoger niveau tilden en we hadden Marc Mijlemans de veel te vroeg gestorven reporter/schrijver die met zijn columns de ziel kon doen ontdooien zelfs op een ijskoude winterdag. Maar onze helden waren ook een beetje die bende van The breakfast club, een meesterwerk dat zich aankondigde als een tiener comedy maar zich in ons hoofd nestelde als een drama dat vooroordelen op de korrel nam. Jongeren waren geen onverantwoordelijke seks beluste klojo's (zoals in de populaire tienerfilms Porky's en Revenge of the nerds) maar naar zichzelf zoekende personen die moeite hadden met opgelegde waarden en normen. De scene waarin Estevez zijn relatie met zijn vader beschrijft, is zowel inhoudelijk als stilistisch magistraal. In een take, camera circelt rondom de groep, synthesizer score van een hoge toon terwijl Estevez emotioneel diep gaat (WIN ! WIN ! WIN !). Regisseur Hughes verraste vriend en vijand met deze film en het blijft een buitenbeetje in zijn korte oeuvre. Alhoewel hij met Weird science, Sixteen candles en het heerlijke hilarische (ga dat zien !) Ferris Bueler's day off reeds een tint adolescente pijn schilderde, waren deze films voornamelijk luchtige comedy's. Met TBC was het menens. Hughes (die ook het scenario schreef) nam deze keer de jongeren serieus en gaf ze een stem. Letterlijk. De film begint dan ook met een voice over die een opstel (wie ben ik' ) voorleest én er is de quote van David Bowie (geleend uit de song Changes). TBC toont messcherp hoe volwassenen jongeren zien én hoe jongeren elkaar zien. In de eerste helft zijn de jongeren nog strak omlijnd, alles in functie van het stereotiep gedrag (het binnenkomen bv typeert direct iedereen, de lunch die ‘je bent wat je eet’ idee boven brengt). Maar beetje bij beetje, laagje bij laagje ebben de uiterlijke verschillen weg. We zien hun woede, hun frustraties en langzaam ontstaat er een solidariteit. Het wantrouwen maakt plaats voor vriendschap, de maskers vallen af, er worden banden gesmeed. Ze beseffen dat ze in se niet zo verschillend zijn. Ze hebben dezelfde angsten zoals druk om te slagen en bij iedereen is er een slechte relatie met de ouders. Jongeren evolueren van type naar persoon. De narratieve structuur is even geniaal als simpel. Opbouw van een dag, huis clos gevuld met muzikale momenten (die dansscene is nu al een klassieker in de filmgeschiedenis). Hughes belicht ook de kant van de volwassenen. Alhoewel het personage van Gleason eerst wordt afgeschilderd als een autoritaire idioot wordt ook dit bijgesteld. In de scene waar de eerste confrontatie tussen Gleason en de rebel plaats vindt, is er een mooie aftermatch wanneer Paul Gleason alleen in de gang eventjes moet bekomen. Zijn dit nu de jongeren die later het land moeten besturen, zal Gleason zich later afvragen en dat is een bezorgdheid die zelfs nu nog bij elke leerkracht toeslaat. De film is opgesmukt met humor, onvermijdelijke romances en een pop soundtrack. Tijdens de release werd dit door de pers afgewimpeld als een knutselwerkje voor de jeugd. Het moest allemaal niet zo serieus genomen worden zolang de jeugd er maar plezier aan beleefde. Dan zijn ze van straat. Maar de film is nu net een protest tegen dit soort denken, dat de jeugd niet serieus genomen moet worden, dat ze niet kunnen denken voor zichzelf. Daarnaast schiet men ook op het schoolsysteem. dat hokjes denken stimuleert. Rijken met rijken en armen met armen en er is geen mix toegestaan. Een klassenmaatschappij binnen de school bestaat en zal blijven bestaan. Jongeren hebben een identiteit en willen niet op commando hun jeugd beleven. Net in deze periode ontstond er een vloed aan tienerfilms waarin een groep van jonge acteurs steeds terugkeerde. De pers was er als de kippen bij om dit een naam te geven ; The brat pack. Die tienergolf was vrij snel uitgeblust. De acteurs waren na een paar jaar terug in de vergetelheid beland (Ally Sheedy zat zelfs in de Red shoes diary) en Hughes kwam aan de kost als schrijver van familie films zoals Home Alone en Beethoven. Jammer genoeg overleed hij in alle anonimiteit in 2006. Ook Paul Gleason overleed in ditzelfde jaar. Maar hun erfenis is van onschatbare waarde. Met TBC kwam een ganse generatie aan het woord ongeacht het nu een rebel, een nerd, een atleet, een populaire leerling of een introvert was. Vanaf de opening met het wereld nummer van The Simple Minds tot aan de freeze frame van Nelson met de gebalde vuist in de lucht (nu het beeld van de generatie 80) krijgen we een inzicht in de perceptie van jongeren, van volwassenen en dus ook een beetje van ons. We zijn nu op een leeftijd dat we zelf tegen jongeren aankijken als losers maar ooit waren wij die losers, ooit maakten wij deel uit van TBC en daar waren we trots op.
een uittreksel uit mijn boek 'mijn 100 favoriete films' met op nr 54 : The breakfast club
Bully (2001)
De jeugd van tegenwoordig. Ik heb het veel gehoord uit de mond van mijn godsdienstleraar. En ook uit de mond van mijn vader. Mijn ambitie om een boek te schrijven over de zin van het leven werd door mijn noeste hardwerkende vader dan ook niet echt gewaardeerd. Ook niet door mijn godsdienstleraar trouwens want volgens hem was dit boek al heel lang geleden geschreven. Zoek een echte job was hun advies. Mijn rebelse attitude tegenover de waarden van de maatschappij werd geboren toen ik als tiener de films van Pipi Langkous had gezien. Maar mijn strijd had iets speels, iets onschuldigs, iets romantisch. Meezingen met het fantastische Pa van Doe Maar in mijn walkman (wat ? raadpleeg gerust wikipedia) tijdens die obligate familiebijeenkomsten was verreweg het luidste protest dat ik kon bedenken. Maar toen kwam Larry Clark en toonde met het meesterlijke Bully hoe de jeugd nu in het leven stond. Weg was het speelse, het onschuldige, het romantische. De kids waren doelloos, ambitie loos en hielden zich bezig met drank, drugs en seks om hun monotoon leventje wat kleur te geven. Het nihilisme droop er van af. Bully is een kopstoot tegen het fatsoen, tegen de waarden die de maatschappij stelt. Regisseur Larry Clark maakt echter geen Hollywood films. Entertainment is niet aan hem besteed. Hollywood regels als plot, tempo, ritme en 3 act structuur gooit hij overboord. Maar Clark wil wel iets vertellen. Hij filmt met zijn camera in het hart van een mank lopende maatschappij; In Kids (zijn bij vlagen krachtige debuutfilm) registreert hij reeds de afwezige moraal bij jongeren. In Bully gaat hij verder; Kids zijn nu teenagers geworden, skateboards zijn nu surfplanken, Urban NY verschuift naar urban Florida. Er is nog steeds geen doel (waarom stoppen met surfen ? Antwoord : I don’t know), nog steeds onverantwoordelijkheid. Ergens in een wijk in Florida. We merken algauw dat de vriendschap tussen Marty en Bobby verstoord is door het botte gedrag van Bobby. Vrij vlug groeit in de omgeving van Marty de vijandschap naar Bobby. Vooral het nieuwe vriendinnetje van Marty ziet in Bobby een bedreiging. Ze neemt actie en ze mobiliseert een tros aanhangers en ergens in hun naïeve, mistige en reeds door drugs aangetaste brein smeult het donkere verlangen om Bobby te vermoorden. Cool. Vet. Zo vatten de jongeren het in eerste instantie op als ze hun plannen bekend maken. Moord heeft geen morele betekenis, ze zien het zoals hun favoriete video spel (moord wordt daar fatalize genoemd). Er komt zelfs een zelfverklaarde huurmoordenaar aan te pas (een hilarische scene die voortdurend balanceert tussen ernst en camp). Zo weten we ; dit is de kroniek van een aangekondigde mislukking. Larry Clark werpt zich op als chroniqueur van de jeugd. Opgroeien in de jaren ’90, het is geen fraai beeld. Clark kijkt naar een generatie zonder doel en hoop in een decadente wereld. Verleidingen zijn alomtegenwoordig en discipline is zoek. In zijn volgende ietwat mindere films zoals Ken park en Wassup rockers blijft hij nochtans het jongeren milieu scherp becommentariëren doch hij valt dan te vaak in veralgemeningen (het is de schuld van de opvoeding). Maar met het magistrale Bully overtreft hij zichzelf. Hier heerst er zelfs een licht ironiserende toon. Het loopt al vrij vlug volledig mis. Verscheidene praten hun mond voorbij, wroeging treedt in, ontkenning van hun medeplichtigheid, iedereen beschuldigt iedereen en het duurt niet lang of de politie valt binnen. Het is deze opbouw (begeleid met een prachtige ijle synthesizer score alla Michael Mann – ik denk dat het Fatboy Slim is met Song for shelter) waar we met open mond naar zitten te kijken. De laatste scene ; kibbelende jongeren en hun ouders die machteloos en statisch, wihtout a clue, zitten te staren in een rechtszaal. Subliem. Trouwens Larry Clark speelt hier een figurantenrol maar het lijkt wel een statement voor de film want zijn personage verplicht de jongeren om verantwoordelijkheid te nemen. Tuurlijk kreeg Clark tegenwind. Verweten als een voyeur van jonge meisjes (er zit veel naakt in de film) die met zijn film een eenzijdig verslag maakt. Nochtans is de film veel evenwichtiger. Bobby is zelfs geen zwart wit personage. Een bullebak maar ook de enige met intelligentie, hij heeft in tegenstelling tot de anderen wel een band met de vader (respect) en is loyaal in vriendschap. De volwassenen zijn weliswaar afwezig maar dat is ook een commentaar. Ze zijn naïef, hebben geen idee. Ook de score heeft een onderliggende laag. Misschien evident dat bands als Cypriss hill, Thurston Moore (van Sonic Youth), Tricky, Dr Dre de soundtrack vullen. Maar de jongeren linken die rapmuziek niet met de boodschap enkel met de vorm (taalgebruik, kledij, houding). Ook daar oppervlakkigheid troef. Toch hebben ze dromen. Die monoloog van Heather, hoe haar moeder werd afgetuigd en besluit ; ik wist dan dat ik kleuterleidster wilde worden. Hoe tragi komisch kun je dit opvatten. Zelfs hun eenvoudige dromen zijn niet haalbaar. Clark is een kei in het casten (ook in zijn andere films). De naturel van sommige acteurs en actrices is relevant. Michael Pitt (briljante acteur vind ik met zijn rol in het knappe Boardwalk empire als absolute top) is gewoon die domme sul. Bijou Philips is hier een revelatie maar blijkbaar een storend gedrag op de set dat haar carrière heeft gefnuikt. Gebaseerd op een waargebeurd verhaal is dit zeker geen overdrijving of te ver gezocht. Het maakt het alleen maar des te schrijnender en een waarschuwing dat de maatschappij/ouders dichter bij de jongeren moet staan. Zijn er lessen getrokken ? Ik moet in de eerste plaats naar mezelf kijken en het hoofd schudden. Op Spotify klikt mijn dochter op het nummer Pa van Doe Maar en zingt enthousiast mee. Ik hoor het niet. Pa heeft het te druk met het organiseren van een volgende familie bijeenkomst.
Een uittreksel uit mijn boek 'mijn 100 favoriete films' met op nr 52 : Bully
Buongiorno, Notte (2003)
Alternatieve titel: Good Morning, Night
Aanslagen op politieke leiders zijn altijd een grote inspiratiebron geweest voor filmmakers. Natuurlijk zit je altijd vastgeketend aan een historisch gekend einde. Maar niet bij Marco Bellochio. In de laatste 5 minuten neemt hij een loopje met de feiten maar vreemd genoeg hebben we daar helemaal geen moeite mee. Het magistrale Buongiorno, notte is dan ook een wondermooie ietwat eigenzinnige film. De film handelt over de ontvoering van Aldo Moro door de Rode Brigade in de woelige jaren 70 van Italië. Echter krijgen we geen historische reconstructie (drama docu) van de gebeurtenis voorgeschoteld. Bellochia maakt er een apart werkje van. Hij geeft geen inleiding over de situatie, toont niet de ontvoering maar bekijkt het als het ware vanuit een interieur gezichtspunt. Grotendeels van de film zitten we dan ook letterlijk binnen (veel scenes spelen zich af op de sofa voor de TV) in het appartement waar Moro vast zit. Af en toe zien we de buitenwereld en hun reactie (net als de ontvoerders) via de TV. Zo vermengt de cineast briljant fictie met non fictie. Een stijlkenmerk van Bellochio. Beelden van tv journaals worden ingelast als feitenmateriaal. Volledig subjectief standpunt van de ontvoerders, we kijken mee door de ogen van de vrouw in de bende. Hoe haar idealisme barsten zal vertonen en hoe de ideologie van de bendeleden zal wankelen. Bellochio weeft wel als een echte vakman elementen van een thriller in de film. Die magnifieke lift scene waar politie binnenvalt in de bibliotheek. Wat een montage. Heen en weer snijden tussen politie en Sansa tot de verrassende ontknoping. De film heeft ook de opbouw van een thriller. Het begin met het bezoek van een appartement, wanneer het koppel in het appartement intrekt, er is niet pluis, buur klopt aan, wantrouwen, angst, Buren kijken vanuit raam binnen maar worden gezien als indringster, etc Daarnaast barst de film van poëtische momenten zoals oudejaarsavond met traditioneel vuurwerk dat hier echter lijkt op een oorlog. Ook Religie is een thema. Wanneer een priester het appartement inwijdt, shot van Maya op rug met achtergrond flou de priester – dan valt ze flauw. Het poëtische en religieuze aspect wordt nog eens onderstreept door een zeer sterke score die de film draagt, stuwt. Pink Floyd werd nog nooit beter gebruikt dan hier. Daarnaast de religieuze fragmenten, bovenop de soundscape. BN wordt wel eens gezien als het kleine broertje van La meglio gionventu. Kwamen ongeveer gelijktijdig uit, acteurs Maya Sansa en Luigi lo Cascio spelen in beide en handelen over de Italiaanse geschiedenis. La meglio gioventu werd een hit maar die voor mij onvoldoende geschiedenis met persoonlijke tragedie kon vermengen en daardoor zeer academisch aanvoelde. BN is gemaakt vanuit een introspectief standpunt. Bellochio vertelt zijn eigen kijk op de gebeurtenissen waarin politiek en idealen soms een gevaarlijke combinatie zijn. Ze denken dat ze het gelijk aan hun kant hebben. De ontvoerders zijn dan ook blij met de eerste respons van de bevolking. Later zal de publieke opinie tegen hen keren. Door hun consequent gedrag (de moord) overschrijden ze de grens van het fatsoen. Dat is ook waar de titel onrechtstreeks naar verwijst. Het is ook de titel van een scenario dat een personage heeft geschreven. Bij toeval gist hij wat er echt is gebeurd nl een meisje dat haar idealen verliest en zich meer en meer gedwongen voelt om the right thing te doen maar helaas zal zij in de film niet zo handelen als in scenario. Tegenstelling in de titel, tegenstelling in het personage, tegenstelling in Italië. We krijgen Italië niet te zien zoals een reisfolder ons wil doen geloven. Geen pizza, geen pasta en geen brommertjes die door een pleintje scheuren en jongeren die ciao bella roepen naar de meisjes. Bellochio laat de ziel van Italië bloeden. Een waarschuwing dat geloven in een zaak uit de hand kan lopen. Daarmee krijgt BN een universeel karakter. Dat is wat een meesterwerk doet.
een uittreksel uit mijn boek 'mijn 100 favoriete films' met op nr 53 : Buongiorno, notte
