Meningen
Hier kun je zien welke berichten Sanvean als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Astenicheskiy Sindrom (1990)
Alternatieve titel: The Asthenic Syndrome
Erg vreemde film inderdaad. Kan hem totaal nergens mee vergelijken. Mag inderdaad wel een curiosum genoemd worden (zoals hierboven al is vermeld). Bizar, tragisch, zo heel soms toch wel een beetje komisch; eigenlijk gewoon een uniek universum.
Duo Masha & Masha is in de klas erg grappig, en deed me nog even glimlachen. De dansende dochter met witte broek biedt verder zo ongeveer het enige sprankje hoop in deze verder vieze, grauwe troosteloze realiteit.
Er gebeurd verder zo veel maar toch ook weer niet; het zijn slechts slices of life, interessante inkijkjes in de kleine leventjes van anonieme figuren.
Volgens mij is dit zo'n film waarvan ik me jaren later weinig specifiek kan herinneren (geen scène's of personages), maar waarvan het meer de algehele sfeer is die toch op de een of andere manier zal beklijven.
Cinematografisch niet echt bijzonder, inhoudelijk des te meer. Bijzondere film!
Ekspeditionen til Verdens Ende (2013)
Alternatieve titel: The Expedition to the End of the World
Best aardige documentaire, als je het zo kunt noemen.
Vind het namelijk niet écht een pure documentaire, omdat de film of wat dit ook is niet echt iets wil vertellen of duidelijk wil maken en een verhaallijn eigenlijk ontbreekt. Ik miste dan ook een beetje een punch, of rode draad. Laat ik het daarom maar een soort sfeerimpressie noemen, of een registratie.
Wat je ziet, en dat is dan misschien nog op te vatten als rode draad, is een registratie van de twijfels bij de wetenschappers en kunstenaars. Twijfel over de wereld en over zichzelf, het ontstaan van beide en de rol van beide (Ik twijfel, dus ik besta?).
Grappig vond ik wel dat de wetenschappers de natuur en leefwereld observeerden, en dat de kunstenaars op den duur de wetenschappers een beetje gingen observeren die de natuur en leefwereld observeerden.
In het begin wordt je wat op het verkeerde been gezet mijns inziens. De eerste beelden zijn prachtig: de driemaster die zich onder dreigende luchten en door dichte mist een weg baant richting verloren land, Groenland dus.
Dat zag er echt een beetje uit als een duistere piratenfilm, of een beetje als een Herzog-film uit de jaren zeventig (toeval dat ik hier juist Herzog noem?). Al snel komt echter het gepraat, en dan verandert de stijl en toon toch wat.
Wel zijn er later nog steeds mooie beelden te zien van Groenland, maar dat is niet echt moeilijk denk ik, als de natuur zo overweldigend is als daar.
De mannen en vrouw zie je verder vooral denken, twijfelen, mijmeren, associëren. Wat ik al zei, over ons bestaan, rol en toekomst. Over de natuur, de moderne samenleving, geldbelustheid en materiële zaken. En over de klimaatveranderingen, uiteraard; dat hoort er altijd bij.
Een van die mannen zei wel iets grappigs trouwens, maar ook ergens best wel waar. Waarom jagen we toch van alles na, dure auto, mooi huis, een tweede auto zelfs, als we straks beter een raft kunnen gebruiken.
De helft van de wereld ligt straks misschien wel voor grote delen onder water als Groenland en Antarctica smelten. Simpel toch?
Op het eind wordt het ook nog even interessant, als ze in een kleine, klaarblijkelijk verlaten fjord opeens een ander schip ontwaren. Jawel, ook hier steekt de oliekoorts al op. Noordoost Groenland, geen kip te bekennen. Maar er ligt misschien wel olie, dus toch maar op zoek dan. Kan ons het schelen.
Spitsbergen, de Noordpool, Antarctica, Groenland. Winnen, die olie.
Zo kun je als kijker toch zelf mijmeren en nadenken over de toekomst en onze rol daarin. Echte oplossingen worden niet voorgesteld, er worden je enkel wat vragen voorgelegd. Denk er maar over na.
Ikzelf open misschien alvast een raftwinkel, of toch maar dat mooie huisje hoog in de Alpen. Zit ik in ieder geval droog en veilig.
Fényes Szelek (1969)
Alternatieve titel: Sparkling Winds
Eerste film van Jancsó, na de vier erg mooie films Így Jöttem, Szegénylegények, Csend és Kiáltás en Csillagosok, Katonák, die meer politiek getint is en waarin oorlog eens geen echte rol speelt.
Tevens de eerste film in kleur van deze bijzondere regisseur.
Fényes Szelek is niet zo intrigerend en mooi als bovengenoemde vier films, maar voor liefhebbers van Jancsó's werk en stijl toch wel genietbaar. De kijker krijgt fraai de machinaties van de propagandatechnieken te zien, waarin dans en liederen overigens een grote rol spelen (net als in Még Kér a Nép trouwens).
Tevens geeft de film een beeld van bijvoorbeeld het de ideologische overtuigingstechnieken, het machtsmisbruik en het gebrek aan ideologische vrijheid onder het communistische, totalitaire regime (en zelfs bínnen de Communistische Partij).
Dit alles is geschoten in de typische stijl van Jancsó, dus inclusief de lange, vloeiende takes en trage camerabewegingen waarmee altijd relatief grote mensenmassa's op een mooie choreografische wijze in beeld gebracht worden.
Voor wie de dans en liederen (zeker in het begin) geen obstakel vormen, is dit wel het opzoeken waard.
Grande Bellezza, La (2013)
Alternatieve titel: The Great Beauty
Wat een ontzettend mooie film is dit toch geworden, zeg. Spijtig dat ik hem nu pas heb gezien en helaas niet in de bioscoop. Maar goed, dan had ik maar eerder moeten kijken of hij nog draaide.
Snap nu een beetje waarom deze de Oscar heeft gewonnen en niet Jagten, wat me destijds bevreemdde. Nog steeds vind ik Jagten trouwens een logischere eventuele winnaar (minder kunstzinnig, sterk en krachtig verhaal met boodschap), maar nu ik La grande bellezza eindelijk eens gezien heb kan ik beamen dat ze toch een mooie, ietwat gewaagde keus hebben gemaakt (ik had nooit verwacht dat zo'n artistieke film als deze een Oscar zou kunnen winnen).
Buiten mijn fascinatie voor Rome en voor Italië helpt de hele sfeer en toon van de film mee aan een voor mij overweldigende kijkervaring, waarbij muziek en beelden elkaar perfect ondersteunen.
Schitterende beelden en fotografie, de heerlijk dromerige, lyrische en poëtische verteltrant en de geweldige soundtrack met zowel klassieke als heel moderne muziek zorgden dat ik helemaal in de film kwam, nadat ik er in het begin eventjes moest inkomen.
Camerawerk is erg mooi, met al die zwevende, dromerige cameravoeringen en tracking shots, al hadden sommige shots een stuk langer mogen duren, wat sommigen al aanhaalden. Beeld en fotografie zijn ook gruwelijk mooi, je had echt het idee naar een ode aan de kunst en aan de stad Rome te kijken.
De soundtrack vond ik geweldig en past voor mij perfect bij de film en bij de sfeer en toon van het verhaal met al zijn lyrische, groteske, grappige, extravagante en exorbitante momenten, situaties, feestjes en personages. Het gebruik van mooie, verstilde klassieke muziek (als ondersteuning van de sombere, stille momenten) doet het altijd goed bij mij, maar ook de moderne muziek (dance, meringue, salsa geloof ik) vond ik erg goed bij de film en de specifieke momenten passen (veelal de extravagante, groteske feestjes) en vond ik zo en zo leuk om aan te horen.
Voeg daar wat Italiaanse pop en wat bekendere verstilde deuntjes aan toe (Zbigniew Preisner, Kronos Quartet) en je komt tot een heerlijke, zeer diverse soundtrack die deze film perfect ondersteund, beter maakt en die het complete spectrum aan verschillende sferen en tonen perfect eer aan doet.
Verder is het al regelmatig aangehaald, maar dit lijkt een ode aan Rome, aan Fellini en sowieso aan het leven te zijn die mijns inziens - of de film nou veel weg heeft van La dolce vita of Otto e mezzo of niet - prima op zichzelf kan staan, vooral vanwege de moderne sfeer die de film met zich meebrengt.
Inderdaad heeft La grande bellezza wel wat weg van een Antonioni of Fellini met al zijn beschouwingen over vergankelijkheid, schoonheid, kunst, liefde en dergelijke, maar omdat ik daar eeuwig naar kan kijken en omdat het zo'n geweldig artistieke film is geworden vind ik dat absoluut niet erg. Zelfs het pretentieuze gewauwel dat bepaalde milieus bezigen verveeld mij nooit.
Dit is een film om nog vaak te bekijken, dat is een zekerheid voor mij. En Le Conseguenze dell'Amore weer eens terugzien, ben benieuwd of ik de film nu beter kan smaken dan destijds.
Leviathan (2012)
Zo, dit is weer eens wat anders dan de standaard documentaire, zeg.
Zintuiglijk, experimenteel, onaards, abstract; hierboven is de ervaring die Leviathan biedt al in fraaie, toepasselijke woorden uiteengezet. Deze documentaire-die-voelt-als-een-film is inderdaad een nogal sensorische, fysieke, aanslag op de kijker, die als het ware gehypnotiseerd wordt en een bezwerende reis maakt doorheen de gekrochten van de commerciële visserij, om het maar even zo te verwoorden.
Dichter bij de oorsprong van onze maaltijd dan dit komen we niet. Ook letterlijk, gezien het feit dat we zo dicht op de huid zitten van visser, vis en zeemeeuw, dat we ze zowat kunnen zien, horen en voelen ademen en ruiken.
Het schokkende, deinzende, golvende camerawerk versterkt dit nog verder tot het niveau dat je je afvraagt of het gevoel dat jij tijdens het kijken in je maag krijgt nou van die visser is, of toch van jouzelf. Zoals je ziet, er bestaat hiermee de kans op enig verlies van oriëntatievermogen maar dat maakt de ervaring niet minder boeiend.
Het camerawerk, met al zijn dicht-op-de-huidse standpunten, deed me soms denken aan enkele vroege films van Jeunet (close-ups van vissenkoppen waarbij je de spiertjes in de ogen zowat kunt zien zitten, dat soort dingen); iets wat nog versterkt werd door het ontzettend mooie kleurgebruik, dat -inderdaad- erg verbleekte, gedesatureerde groen-, blauw- en roodtinten laat zien. Ik hou er van, maar ik besef dat het niet iedereens voorkeur geniet.
Moeilijk voor mij om hier nu een definitief oordeel over te vellen verder. Informatief stelt het weinig voor; als documentaire schiet het zijn doel wellicht voorbij. Als zintuiglijke, hypnotiserende kijkervaring biedt Leviathan de iets experimenteler ingestelde kijker echter een potentieel zeer bijzondere pleasure for the senses. Voor mij gaat dit laatste meer op, dus toch op zeker een stevige voldoende.
Nayak (1966)
Alternatieve titel: Nayak: The Hero
Prima film, goed acteerwerk met een juist wel interessante treinsetting maar met enkele te oninteressante bijfiguren.
Nayak deed me ergens een beetje denken aan sommige Bergman-films qua opzet en thematiek. En natuurlijk de paar boeiende droomsequenties die deze film net wat extra's geven. Visueel verder niet zo bijzonder, inhoudelijk des te meer. De film draait sterk om de dialogen en de gedachten over roem, gedrag en ook over de filmindustrie zelf.
Nayak behoort mijns inziens nog niet gelijk tot het beste wat Ray te bieden heeft, maar is alleszins een sterke film te noemen.
Ovoce Stromu Rajských Jíme (1970)
Alternatieve titel: Fruit of Paradise
Voor mij persoonlijk blijft deze film toch de mooiste van Vera Chytilová, en niet het veel bekendere Sedmikrásky (Daisies).
Na Sedmikrásky werd Chytilová het lastig gemaakt om nieuwe films te maken door de eigen overheid, welke weer door de Sovjet-Unie werd gedirigeerd. Toch slaagde deze interessante regisseuse er in om ons dit zeer boeiende, interessante en kunstzinnige werkje na te laten.
Ovoce Stromu Rajských Jíme is net als het bekendere broertje even experimenteel als speels, allegorisch en filosofisch. Een moderne fabel, in de traditie van de beste Tsjechoslowaakse sprookjes (denk aan bijvoorbeeld Martin Sulík).
Vooral de eerste tien minuten zijn fenomenaal. Hier worden Adam en Eva en de Creatie uitgebeeld in wat niet minder dan als superexperimenteel (zeker voor die tijd) en psychedelisch kan worden beschouwd, met beelden die door elkaar heen lopen, snelle cuts en beelden die nog het meeste weg hebben van geschilderde filmframes. Lastig uit te leggen, maar denk aan Bokanowski (L'Ange) en in mindere mate misschien een beetje aan Chytilova's landgenote Svankmajer.
Na de hallucinante opening volgt een leuke, fabelachtige vertelling over een jonge vrouw die zich langzaamaan verliest in haar obsessie voor een onbekende, apart overkomende in het rood geklede figuur die de Duivel voor moet stellen.
Net als de beelden (vooral de eerste minuten) is ook de geluidsband experimenteel te noemen. Kraakhelder en versterkt hoor je het fluiten van vogels, het openen van kastjes en andere kleine momenten die door de geleuidsband toch een extra dimensie krijgen.
Ovoce Stromu Rajských Jíme is al met al gewoon een heel boeiend werkje dat net zo veel aandacht verdiend als bekendere broer Sedmikrásky. Als je van experimentele en kunstzinnige films houdt, moest je hier maar eens naar op zoek gaan.
Selvi Boylum, al Yazmalim (1977)
Alternatieve titel: The Girl with the Red Scarf
Eindelijk eens gezien, deze Turkse (semi-)klassieker.
Moeilijk te beoordelen, deze film, met name vanwege het cheesy uitgewerkt verhaal, het matige acteerwerk van de meeste hoofdrolspelers (de vrouwelijke hoofdpersoon uitgezonderd), slapstickachtige vechtpartijtjes die bijna lachwekkend overkomen en de cheesy, maar soms irritant wordende typische jaren zeventig electronische muziek.
Blijft over het ergens toch wel aandoenlijke verhaal, met uiteindelijk een lastige keuze tussen hart en verstand, maar vooral: de schitterend ogende Türkan Soray , voor mij een lust voor het oog (zowel met als zonder hoofddoek). Jammer dat ze al zo oud is, maar gelukkig heb ik via een Turkse collega vernomen dat ze ook een - al even prachtige - dochter heeft die ook al acteert.
Al met al lastig te beoordelen dus. Herziening zie ik niet zo zitten voorlopig. Geef mij maar een mooie poster van Soray dan.
Soldatesse, Le (1965)
Alternatieve titel: The Camp Followers
Een mooie film is dit inderdaad. Le Soldatesse biedt een intense en vooral indringende kijk op de misère en de voor het grote publiek verborgen zij-effecten van de oorlog.
De mij verder onbekende Tomas Milian speelt een mooie, ingetogen rol als luitenant.
De andere sterrollen worden hier vervult door vooral Anna Karina als de nog vrolijke en wereldwijze Elenitza en door Marie Laforêt als stille, ondoordringbare mysterieuze vrouw.
De Grieks aandoende muziek van Mario Nascimbene (ik dacht dat het muziek van Morricone was, maar dat bleek dus niet zo te zijn) past uitstekend bij de film en de fotografie van Tonino Delli Colli is uitstekend.
Zurlini's combinatie van neorealistische en melodramatische facetten, overgoten met een verder poëtisch aandoende filmstijl, werkt hier weer erg goed.
Al met al een wederom mooie film van een uitstekend regisseur.
Trespassing Bergman (2013)
Alternatieve titel: Bezoek aan Bergman
Het blijft Bergman, en ik heb gelijk zin om enkele favorieten te herzien
maar verder is dit helaas wel weer zo'n standaard, simpel, pratende hoofden, laten we de bekendste werken weer eens doornemen ding dat maar weinig toevoegt.
Von Trier levert de meest stomme én de meest persoonlijke bijdrage in de zin dat je er weinig aan hebt maar wél de echte passie voelt.
De leukste bijdrages komen van John Landis. Is bijna altijd het geval als hij in docu's over film zit, maar het verbaasd me toch altijd ook wel. Die man is én altijd heel positief en enthousiast én weet altijd nog een aantal observaties over cinema te maken die erg hout snijden.
Voegt weinig toe, al blijven documentaires over zulke regisseurs als Fellini, Bergman of Tarkovsky altijd wel interessant. Maar voor mij persoonlijk is dat meer vanwege de grote interesse in deze personen en hun films, dan vanwege de inhoudelijke kwaliteit van de documentaires zelf die inderdaad niet echt iets toevoegen, buiten dan dat ze - bij mij althans - wel weer het gevoel oproepen dat ik snel maar weer eens wat films van de beste man - in dit geval Bergman dus - moet gaan zien. Toch ook wel weer positief.
Die Landis kende ik geeneens, blijkt hij een Hollywood/blockbuster-regisseur te zijn in tegenstelling tot de andere (filmhuis)regisseurs. Hij had echter wel een paar van de interessantste bijdragen. Claire Denis voegde weinig tot niets toe aan deze docu en Von Trier is gewoon zichzelf.
Wat ik me afvraag, is in hoeverre dit soort documentaires nu mensen die nog nooit van in dit geval Bergman hadden gehoord, hiermee nu geinteresseerd raken in zijn werk. Ik vrees van niet; dit soort docu's blijven denk ik voornamelijk werk voor de insider (liefhebber).
Al met al toch wel vermaakt en heb gelijk zin om heel snel weer Wild Strawberries (mijn favoriete Bergman) en The Virgin Spring (stom eigenlijk, nog maar een of twee keer gezien, te weinig) te gaan bekijken. Heel vorig jaar geen enkele Bergman gezien (zo en zo geen enkele klassieker) dus het zal weer eens tijd worden.
Ach, doe Tystnaden en Persona dan ook maar, die heb ik toch op DVD (yeahhh).
Vase de Noces (1974)
Alternatieve titel: One Man and His Pig
Wat blijft het toch leuk om via een site als deze onbekendere films te ontdekken, door bijvoorbeeld zomaar op iemands top-lijstje te klikken. Van deze film had ik dus echt nog nooit gehoord, maar hij past uitstekend in het rijtje typische jaren zeventig-films die de grenzen (van de heersende cultuur en mores) en de artistieke vrijheid opzochten en daarmee tot heerlijk bizarre, experimentele of prikkelende films kwamen.
Dan denk ik aan films van bijvoorbeeld een Makavejev of van Terayama en Wakamatsu, om er maar even een paar te noemen, uit begin jaren zeventig, die toch films maakten die bepaalde grenzen even flink uitrekten. Niet per sé inhoudelijk te vergelijken met Vase de Noces natuurlijk, maar ik bedoel maar: wat waren de jaren zeventig dan toch belangrijk en interessant eigenlijk, als je er zo even over nadenkt.
Een film die wél vergelijkbaar is of in ieder geval naar boven komt bij het kijken van deze curiositeit, is de al eerder genoemde Porcile, een van de meest onbekende werken van Pasolini die zelf natuurlijk ook niet vies was van enige shockerende beelden. Porcile lang geleden gezien en kan me er helaas te weinig van herinneren, dus daar ben ik maar heel snel weer achterheen gegaan. Kun je nagaan waar zo'n filmpje als Vase de Noces toch nog goed voor is. Ga Pasolini's creatie snel herzien dus, heb er zelfs zin in.
Film deed me sowieso veel denken aan Pasolini. Gebruik van muziek ook: hele mooie klassieke muziek (hier Monteverdi) afgewisseld met hedendaagse (voor die tijd uiteraard) en/of eigentijdse muziek, die ik trouwens niet echt kon verdragen (oerlelijke seventies-scifi-klanken).
Er zal vast wel een diepere laag zitten in deze film, natuurlijk, maar als ik de beelden bekijk van alles wat zich op die boerderij afspeelt, denk ik niet meteen aan al wat goddelijk of menselijk of religieus is. Ik zie voornamelijk wat ganzen, kalkoenen, een varken en een verlaten kerkje. En een heel ranzige meneer, zeg maar.
Wat dat betreft heeft de film (voorlopig) niet de impact die de films van bijvoorbeeld een Pasolini vroeger op mij hadden. Misschien moet ik eens gaan lezen wat de regisseur te zeggen had over zijn schepsel, misschien gaat de film ook vanzelf groeien in mijn herinnering of onderbewustzijn.
Voorlopig echter hou ik het bij een leuke poging, niet echt geslaagd en interessant om eens een keer gezien te hebben, maar niet echt herzieningswaardig.
