menu

Road to Utopia (1946)

mijn stem
3,85 (10)
10 stemmen

Verenigde Staten
Komedie
90 minuten

geregisseerd door Hal Walker
met Bing Crosby, Bob Hope en Dorothy Lamour

Bing & Bob, hier Duke & Chester geheten, komen bij toeval terecht op de boot naar Alaska. Daar krijgen ze het aan de stok met de Boeven en ze komen in het bezit van de gestolen Kaart Naar De Goudmijn. De rest van de film is iedereen bezig de kaart, de goudmijn en/of Dorothy Lamour in handen te krijgen. Robert Benchley verzorgt het deskundige commentaar. O, en dit keer wint Bob. Of niet?

TRAILER

https://www.youtube.com/watch?v=c7gGZcjSflo

Wanneer je deze, als ook andere ingevoegde media op de site wilt zien, dan moet je hier even toestemming voor geven.

Met het tonen hiervan wordt er mogelijk door een andere partij cookies geplaatst en/of wordt je ip-adres geregistreerd, zonder dat MovieMeter hier invloed op heeft. Lees ons privacybeleid voor meer informatie over hoe MovieMeter met je privacy omgaat.

zoeken in:
avatar van Onderhond
2,0
Beste van de eerste 4.

Ook wat een samenraapsel van de vorige films. Pratende dieren (kamelen in Morocco), mannen in dierenpakken (gorilla gevecht in Zanzibar), de zelfbewuste humor uit deel 3 en leuk aangevuld met een narrator, die af en toe toch best spitsvondig uit de hoek kwam. Fijne toevoeging.

Aan het concept is eigenlijk niet geraakt; Hope, Crosby en Lamour die weer een triotje spelen, alleen dan in het koude Alaska, midden in de goudkoorts. Aan de verhoudingen wordt niet geraakt, al loopt het einde iets anders dan normaal. Vraag me nu wel een beetje af hoe ze die andere 4 road films hier nog tussengeplakt krijgen, al is de continuiteit binnen de reeks natuurlijk niet echt een belangrijk punt.

Iets minder zang en dans had ik het gevoel. Verder het bekende riedeltje. Qua oud werk zijn deze filmpjes nog best te genieten.

2.0*

avatar van Roger Thornhill
5,0
Het vierde deel in de Road-serie met Bob Hope, Bing Crosby en Dorothy Lamour, aangevuld met het gebruikelijke assortiment doortrapte criminele masterminds (hier de magnifieke Douglas Dumbrille) en domme schurken (die onze helden wel een handige valse identiteit verschaffen). De leukste in de reeks, mede vanwege het gemak waarin de absurdistische meligheid wordt verweven in de plot (voorzover daar sprake van is). Zo komen we een pratende vis tegen ("Hey bud, where's your partner?"), een berg die opeens het Paramount-logo wordt, vloeken waarbij de geluidsband opeens gaat zwijgen ("I told you they wouldn’t let you say that!”) en een man in avondkostuum die door de walmende stookruimte van een stoomboot komt flaneren: “Taking a shortcut to stage 10.”
        Het blijft natuurlijk allemaal binnen de beschaafde perken en wordt nergens zo anarchistisch als de Marx Brothers en (later) de Goon Show en Monty Python, maar door het hoge tempo en de energieke regie blijft de film toch de volle 85 minuten onderhoudend. Hope is weer de domme en laffe stoethaspel (Crosby: "Count to twenty!” Hope: “I can’t – I’ve got my mittens on!”), Crosby de gladde oplichter die Hope altijd net een stap vóór is maar daar meestal niet veel mee opschiet (behalve dan dat hij vaak het meisje krijgt) en Lamour weer half vamp en half de ironische girl next door. Ook de grappen zijn voorspelbaar: Hope's neus krijgt het weer te verduren (Hope: “I’m cold – my nose is like an icicle!” Crosby: “Icicle? That’s a glacier!”), Crosby's zangkunsten liggen onder vuur (Hope heeft de hik: "Frighten me – sing something!") en Lamour gaat dan wel wat winterser gekleed dan in deze serie gebruikelijk, maar de scriptschrijvers zien toch gelegenheid om haar nog éven in sarong te tonen.
        Zoals gezegd, niet veel nieuws onder de zon, en naar hedendaagse maatstaven natuurlijk tam en voor jonge kijkers tamelijk oubollig, maar de ambachtelijke degelijkheid, de mooie zwart-wit-fotografie, de leuke liedjes (inclusief het grappige Personality en het ontroerende Welcome to my dream) en de opmerkelijk mooie sneeuwsets (nee, niet die bergen van de achtergrondprojectie) maken hier toch een zeer geslaagde film van. De belangrijkste kwaliteit heb ik bovendien nog niet eens genoemd: de ontspannen kamaraderie tussen Hope en Crosby, de mate waarin ze op elkaar ingespeeld zijn en hun rapid-fire-dialogen die vol zitten met kwinkslagen, snelle grappen die niet noodzakelijk steeds een buiklach of zelfs maar een glimlach oproepen maar wel een constante sfeer van esprit en plezier in stand houden: Hope: “So you finally got yourself a date, eh?” Crosby: “Oh, you said it, son!” Hope: “What did you do, pick up a lonely walrus?” Crosby: “Oh now, you know I don’t cut into your territory!” Al die dingen bij elkaar maken hier voor mij nog altijd één van de leukste en vriendelijkste komedies van die ik ooit heb gezien.
        Het enige wat ik mis is één specifieke grap die ik al die tijd heb onthouden maar die dus niet uit déze film blijkt te komen. Wanneer de oude Crosby twee zeer jonge dames als zijn nichtjes voorstelt zegt Hope: "Gee, I wish I had a niece like that!” waarop Crosby hem een goede raad geeft: “Well, take it up with your uncle." Maar dat komt dus helemaal niet uit Road to Utopia – het blijkt een dialoog tussen Groucho en Chico uit A day at the races te zijn. Nou ja, je kunt niet álles hebben.

Gast
geplaatst: vandaag om 11:16 uur

geplaatst: vandaag om 11:16 uur

Let op: In verband met copyright is het op MovieMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.