Het was een verademing om weer eens een Laurel & Hardy film te zien. Het kost geen enkele moeite om het verhaal te volgen, geen gedonder met een tijdlijn, geen meerdere lagen, geen diepere betekenissen. Een film die van begin tot einde door iedereen te begrijpen is.
Alternatieve titel: Turkish Delight, 8 april, 20:37 uur
Het talent Verhoeven schudt de Nederlandse filmwereld beginjaren 70 wakker met een gewaagde verfilming van Wolkers gelijknamige boek. Hauer is de getormenteerde, vitale kunstenaar: rauw, creatief en gedreven door oerdrift. Van der Ven is de , kinderlijke “droomvrouw” met rood haar, die schoonheid, sensualiteit en kwetsbaarheid belichaamt. Erotische energie botst met ziekte, rottend voedsel en dood. De Turkse vrucht zelf is het vluchtig genot zelf dat leidt tot verval.
Het scenario van Soeteman is beeldend doeltreffend maar ontbeert goed (interessant) geschreven dialogen. Hauer en Van der Ven zijn geknipt voor hun rollen, helaas ontkomen zij er niet aan dat uitgesproken teksten hier en daar een beetje toneelachtig uit de mond rollen. Turks fruit is overwegend een sterke film met enkele mindere scene's, zoals de onthulling van een kunstwerk bij het ziekenhuis, maar heeft de tand des tijds glansrijk doorstaan. Een film met impact, destijds, maar die ook nu nog het bekijken waard is. Een tijdsdocument over de jaren 70, met een nog roomblanke bevolking, dus zonder brocollistruikjes en hoofddoekjes.
Goed idee wordt vakkundig om zeep geholpen door Raimi in dit lelijk geschoten drama. Met sukkels als Jacob en Lou weet je bij voorbaat al dat het aanvankelijke plan uit de hand gaat lopen. Vooral de wijze waarop dat gebeurt deed mijn wenkbrauwen fronzen. Mijn ongeloofwaardigheidsdetector sloeg meer dan eens door in het rood. Uiteindelijk vermoordt het hoofdpersonage 4 mensen waaronder zijn broer en stookt hij de 4 miljoen dollar op in de open haard.
Had ik al geschreven dat de cinematografie ronduit lelijk was? Alar Kivilo gebruikte voornamelijk lenzen in het middenbereik (40 mm) waardoor het visueel niet echt tot leven komt.
Deze rol van Kaufman is voor Jim Carey op maat gesneden. De kwetsbaarheid van deze legendarische uitvoerende kunstenaar wordt goed aangevoeld en vertaald door Carey die helemaal 'in de huid van' kruipt. De film is een biopic en meestal valt in dat genre niet veel verrassends te verwachten. Maar dat hoeft ook niet altijd want ditmaal is het grensverleggende kunstenaarschap van Andy Kaufman op zich al intrigerend genoeg. Denk alleen maar aan vertolking van zijn agressieve alter-ego, de loungezanger Tony Clifton wat één van de hoogtepunten is in zijn oeuvre. Carey brengt hiermee een eerbetoon aan een groot kunstenaar die helaas op te jonge leeftijd overleed.