Nadat ze op zolder de oude speelgoedaap van hun vader vinden, zijn de tweelingbroers Hal en Bill getuige van een reeks gruwelijke sterfgevallen. In een poging de verschrikking achter zich te laten, kiezen de broers ervoor om de aap weg te doen en na verloop van tijd hun eigen weg te gaan. Maar wanneer nieuwe, onverklaarbare sterfgevallen plaatsvinden, zien de broers zich genoodzaakt om zich te verzoenen en beginnen ze aan een missie om het vervloekte speelgoed voorgoed uit de weg te ruimen.
"Iedereen in The Monkey gaat dood. Dat is geen spoiler, het staat gewoon op de filmposter. Everbody dies. And thats fucked up. Klinkt als loodzwaar drama, de nieuwste horror van Osgood Perkins heeft andere plannen. Als toch iedereen een onvermijdelijk noodlot tegemoet gaat dan in elk geval zo creatief mogelijk.
Het heeft ergens wel iets weg van Final Destination, hoe elk sterfgeval opbouwt naar een totaal idiote climax. Het grote verschil is dat The Monkey de Dood met open armen ontvangt en van sterven een krankzinnig feest maakt. Groteske onthoofdingen, uiteenspattende lichamen, pissige bijen…
Het verhaal is ook beter. Geen Magere Hein die knarsetandend achter zijn verloren zieltjes aan rent, maar een uit de hand gelopen broedertwist en een breed grijnzende speelgoedaap met grote ogen en een trommeltje. De logica maakt gaandeweg plaats voor uitzinnige effecten, de eeuwigdurende strijd tussen de broertjes Hal en Bill is geloofwaardiger dan de cryptische visioenen van Final Destination.
Het meest treffende beeld is als vader en zoon door een apocalyptisch landschap rijden en een bus vol juichende cheerleaders langs zien komen. Juichen om de dood en het einde der tijden. Dan weet je, The Monkey neemt het allemaal niet zo serieus. Macaber, grappig en vreselijk cynisch."
Gebaseerd op een kort verhaal van Stephen King dat vooral in de eerste helft van de film weet te boeien. De gore is prima, er zitten een paar fameuze bloederige scènes in de film. Toch wordt het helaas minder vanaf het moment dat Hal en zijn zoon een roadtrip beginnen naar zijn broer om eens en voor altijd af te rekenen met de aap. De scène met de wespen is nog leuk, maar de rest daarna komt niet echt over. Vooral de vergevingsgezinde terugblik tussen Hal en Bill lijkt niet te passen en de reactie van Hal die na een bloederige gebeurtenis er dadelijk opvolgt, past gewoon niet. Het slot is heel zwak en vaag uitgewerkt. Pluspunt zijn wel de vele toffe bloederige scènes en de aap zelf. 6/10
Het werk van Stephen King blijft een onuitputtelijke inspiratiebron voor horrorfilms. Dit keer is een korte novelle uit 1980 aan de beurt. Longlegs-regisseur Osgood Perkins probeert er zijn stempel op te drukken, maar al snel komt de aap uit de mouw: de film kan de hoge verwachtingen simpelweg niet waarmaken.
The Monkey schiet overtuigend uit de startblokken. Met zijn diabolische glimlach en drumslagen fungeert de speelgoedaap als voorbode voor Final Destination-achtige narigheid, maar lekker aangedikt met de nodige galgenhumor. De toon is wat dat betreft duidelijk: lachen om gruwelijkheid.
Die balans blijkt echter wankel. Het cynisme neemt de overhand en schoffelt de zorgvuldig opgebouwde sfeer onderuit. Perkins snijdt daarnaast psychologische aspecten als rouw, trauma en familieperikelen aan, maar verder dan de oppervlakte komt het niet.
Wat rest is een stijlvol gemaakte, maar onevenwichtige horrorfilm die zijn eigen richting verliest. The Monkey wil tegelijk geestig, gruwelijk en gelaagd zijn, maar eindigt als een ietwat wrange mengeling van alle drie.
Als groot King-fan moest ik natuurlijk deze zien. Gebaseerd op het korte verhaal van de schrijver. Het verhaal maakte ook niet echt veel indruk en dat geldt ook voor deze film. Rommelig script, waardoor de film eigenlijk een soort mengelmoes wordt. James doet nog zijn best in er wat van te maken, maar de rest van de cast hangt er maar een beetje bij. Tegenvaller.
Heerlijke zwarte humor, naar een kortverhaal van Stephen King. Maar gelukkig was die zelf niet de regisseur. Het geheel is mooi aangekleed tot een langspeelfilm. Op de affiche zie je al 'Everybody dies' staan en dat klopt wel voor een hele hoop mensen. Het is allemaal vrij luchtig, maar net daardoor heeft het iets apart. De film neemt zich zelf niet serieus en gelukkig maar. Want dan zat je met zo'n vervloekt stuk speelgoed al snel in een vrij vervelende film vol clichés. Het resultaat is een heerlijk foute B-film.
Een horror-komedie pur sang! Bijna zwarte humor te noemen, de wijze waarop de mensen in de familie en anderen daaromheen, vermoord worden door de duivelse aap met trommel. Er zat zo'n typisch Stephen King- achtig sfeertje in, wat mij wel aansprak. Maar verwacht geen enge of naargeestige, onvoorspelbare film. Nee, hier zie je al mijlenver aankomen wat er gaat gebeuren doordat de aap op de trommel slaat. Een achtergrondverhaal over waar de aap precies nu was 'gefabriceerd' of iets dergelijks ontbrak, maar dat was ook niet de insteek van de makers van deze film. Heb wel veel betere gezien, maar voor dit specifieke genre ook geen slechte film.
Al met al vermakelijk voor een filmavondje met een drankje en een zak chips