Ingeschreven sinds 1 april 2003
Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van Chainsaw. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2011, februari 2011, maart 2011, april 2011, mei 2011, juni 2011, juli 2011, augustus 2011, september 2011, oktober 2011, november 2011, december 2011, januari 2012, februari 2012, maart 2012, april 2012, mei 2012.
maandag 31 januari 2011, 14:37 uur
Na de laatste drie Leprechaun- films sinds kort eindelijk gezien te hebben, ook de eerste drie maar weer eens bekeken. En toen viel me op dat deze derde kwalitatief toch best boven de overige sequels uitsteekt. Het is misschien verre van kunst, maar het is een flinke vooruitgang in vergelijking met deel 2 (laat staan met de vervolgen die daarna verscheen). Waar ik het gevoel had dat deel 2 zichzelf veel te serieus nam, maakt men bij Leprechaun 3 gelukkig niet diezelfde fout. Dit is ten koste gegaan van het horror-aspect, in hoeverre dit überhaupt ooit aanwezig is geweest in de Leprechaun serie.
De setting, ditmaal Las Vegas, wijkt af van de vorige films, maar het uitgangspunt is vrijwel hetzelfde; Leprechaun raakt zijn goud kwijt en wil het kotste wat kost terug. Davis mag opnieuw de kleine rotzak spelen en doet dit weer met duidelijk plezier. En dat is wat deze film ook deels uitstraalt; er zit amusement en plezier in. En dat maakt het vermakelijk. De makers zijn niet bezig om de film koste wat kost spannend of eng te maken, maar brengen zelfspot in het geheel. En dat werkt. De film schotelt de kijker soms best wat geestige scènes voor. En naast die geplande humor valt er overigens ook best te lachen om de knulligheid. Want hoe amusant een film al dit ook is, het is en blijft natuurlijk Leprechaun 3. Eén van de betere in de Leprechaun serie, maar echt veel eer is dat nu ook weer niet.
Kleine verhoging. 2,5 sterren.
filmdetails permalink reageer
maandag 31 januari 2011, 14:17 uur
onderstaand bericht bevat spoilers, selecteer de tekst om deze te lezen
Toch een kleine verbetering op het beroerde Leprechaun in the Hood. Back 2 tha Hood is het huidige laatste deel van de Leprechaun reeks. Een serie die zichzelf vanaf de derde film niet te serieus meer nam en steeds meer wat humor in de mix ging gooien. Lang niet altijd geslaagde humor, maar men doet in ieder geval niet meer zijn best om het karakter van Davis enigszins eng te maken. Lijkt me ook een onbegonnen zaak, het karakter vraagt gewoon om wat humor. En in tegenstelling tot Leprechaun in the Hood doet deze laatste film het iets beter. Het is bijzonder flauw, maar zelfs momenten dat Lep zo stoned als een garnaal door de keuken struint hebben toch een bepaalde charme. Hoe flauw ook, er is hier toch een beter gevoel voor humor en timing.
De nodige ingrediënten zijn natuurlijk aanwezig; er is een pot (of kistje, in dit geval) met goud en een stel karakters dat dit goud in handen krijgt. Vervolgens verschijnt onze Leprechaun weer om het goud terug te krijgen. Het karakter van Lep is ditmaal weer iets beter op zijn plaats, hij mag net even iets meer zijn nek uitsteken dan in de vorige film. Maar hij heeft natuurlijk weer een flinke last op zijn schouders, hij moet de rest van de karakters in de film compenseren. Want wat krijgen we weer een stel opgedroogde vaatdoeken voorgeschoteld. Je duimt in ieder geval continu voor de kabouter. Verder is het allemaal weer karig qua effecten en beeld en geluid. Zelfs de page-peel overgang wordt zorgvuldig gebruikt door de editor. En dat dekt eigenlijk wel de hele lading.
Vooruit, toch 2 kleine sterren.
filmdetails permalink reageer
zondag 30 januari 2011, 12:36 uur
Na het vermakelijke en lachwekkende Category 6 gaat regisseur Dick Lowry en een handjevol acteurs op herhalingsoefening. Dus opnieuw sprinten een hoop bordkartonnen karakters rond tussen de meest belabberde CGI effecten, afgewisseld met eindeloze oninteressante conversaties over deze zogenaamde natuurrampen. En voor de kijker is het dus weer lachen om de platte karakters, heerlijke Windows 3.11 effectjes en talloze perikelen in het script die in een slechte soap niet zouden misstaan. Daar komt bij dat, om het geheel 'hip' te maken, de film boordevol zit met snelle montagetrucjes. Als een slechte videoclip springt de film heen en weer van versnelde shots naar slowmotion. Maar hoe snel je ook monteert, je kunt als maker op geen manier verdoezelen hoe slecht Category 7: The End of the World natuurlijk is. Werkt wel aardig voor de lachspieren.
1,5 sterren.
filmdetails permalink reageer
woensdag 26 januari 2011, 23:25 uur
"You're messing with my Zen thing, man."
Het komt niet vaak voor dat ik sequels kijk voor ik het origineel heb gezien, maar vanmiddag toch TRON: Legacy wezen kijken op het grote scherm. Leek me toch wel een film die in Imax 3D vrij goed tot zijn recht komt. En het gebrek aan voorkennis was achteraf niet heel ernstig, in de film wordt vrij veel uitgelegd en teruggekeken naar eerdere gebeurtenissen. Dus zover geen problemen. Ook met de actie en special effects zat het prima. Zo op een groot scherm zorgen de spetterende actiescènes, onder een vrij fraaie soundtrack, voor prima amusement. Ben normaal niet zo'n fan van films die aan grote special effects aan elkaar hangen, maar dit was allemaal erg degelijk. En als je ook nog eens een zwak hebt voor Jeff Bridges, is het feestje compleet.
Toch werd ik niet helemaal weggeblazen door deze spectaculaire film, zo vond ik het verhaal allemaal niet zo heel boeiend. Kon het prima volgen verder (zonder de voorkennis), maar echt heel interessant wordt het niet gebracht. Zat tijdens het nodige (en niet altijd erg sterke) drama dan ook vaak te wachten tot er weer iets spectaculairs ging gebeuren. Verder een tof idee van de oude en jonge variant van Bridges, tot deze laatste zijn mond opendeed. Erg matig geanimeerd, vooral als ie ging schreeuwen. En ook Michael Sheen als een homoseksuele Willy Wonka begon me vrij snel te vervelen. Verder was TRON: Legacy vrij aardig vermaak; veel creativiteit, een leuke stijl en veelal best amusant. Vraag me alleen af wat van de film overblijft als je 'm op het kleine scherm zou terugzien. Ik vrees niet zo heel veel. Dus toch blij dat ik 'm op het grote doek heb gezien.
3 sterren.
filmdetails permalink reageer
maandag 24 januari 2011, 11:23 uur
Dat de inspiratie soms een beetje verdwenen is in filmwereld, blijkt wel als karakters als Leprechaun uit de gelijknamige film een vervolg krijgen. Want ondanks zijn knulligheid is die kleine kabouter toch alles behalve noemenswaardig. Evenals de kwaliteit van zijn eerste film. En wat moet je dan in hemelsnaam van een vervolg verwachten? Inderdaad; de sadistische smurf van 1 meter gaat op herhalingsoefening.
In Leprechaun 2 ligt de focus al iets meer op de humor. Nog steeds geen geslaagde humor, maar de makers lijken iets meer een keuze te maken in de toon van de film. De horror is in ieder geval net zo eng als die georganiseerde tour uit deze film. Verder is het allemaal erg flauw en tam en is de knulligheid ook vol aanwezig. En zelfs nog een stuk meer dan in de eerste film. Tel daarbij het zeer belabberde acteerwerk op (oh, wat is die Shevonne Durkin beroerd, zeg!) en je krijgt een soms vermakelijk, maar voornamelijk vrij troosteloos en (plicht)matig vervolgfilmpje.
Nipt 2 sterren.
filmdetails permalink reageer
maandag 24 januari 2011, 10:52 uur
onderstaand bericht bevat spoilers, selecteer de tekst om deze te lezen
Ah, Leprechaun. Het kleine rotzakje dat, ondanks dat hij letterlijk en figuurlijk tegen talloze horrorfiguren moet opkijken, tot op heden toch nog zes films op zijn naam heeft staan. Niet slecht voor een mannetje dat in zijn eerste film al totaal niet serieus te nemen is als horrorkarakter. Want ondanks dat deze film te boek staat als horror(komedie), de horror is vrijwel nihil. Er is geen bloed of gore te bekennen en spanning is al helemaal zoek. Een kabouter op een klein fietsje en in een klein autootje, dat heeft de film wel voor de kijker in petto. En heeft u ooit iemand gedood zien worden door middel van een pogostick? Hier is uw kans.
Het grootste probleem met Leprechaun is echter niet eens per se dat de horror niet werkt, maar ook dat de humor niet werkt. Warwick Davis speelt met duidelijk plezier en energie de rol van Lep, maar veel materiaal is er niet om mee te werken. Af en toe een geestige one-liner, een flauwe grap en een hoop vermakelijke knulligheid maken het echter gelukkig nog vrij amusant. Evenals mevrouw Aniston als tegenspeelster. Haar scènes met de kleine duivel zijn toch vrij geestig om te zien. En Lep kon het ook slechter treffen, zeker gezien de kwaliteit van zijn tegenspelers in de vele vervolgfilms.
2,5 sterren.
filmdetails permalink reageer
zondag 23 januari 2011, 11:35 uur
Het is half 3 's nachts. Het is stil en pikkedonker in huis. En dat leken me de ideale omstandigheden om Paranormal Activity eindelijk maar eens te ervaren.
Het is al een tijdje een trend in de wereld van de horrorfilm om de kijker de stuipen op het lijf te jagen met goedkope schrikmomenten, waarbij de filmmuziek even zo hard mogelijk wordt gezet. En met de technieken van tegenwoordig is ook alles vol in beeld brengen geen probleem meer. CGI bloed, make-up of een heel monster? Laat het allemaal maar goed zien. Hoe meer, hoe beter.
Maar het is de kracht van de suggestie, wat je niet ziet is vaak enger dan wat je wel ziet, en de aloude lijfspreuk 'minder is meer' die vaak resulteren in echt enge horror. En debutant Oren Peli laat met Paranormal Activity goed de essentie van een effectieve horror zien. Hij zet een ijzersterke sfeer neer en zorgt voor een voortreffelijke opbouw. Het uitgangspunt kan bijna niet simpeler en dan houdt Peli het ook nog eens bij één locatie en twee spelers (de wat onzinnige rollen van zo'n vriendin of dokter niet meegerekend). En ook bij de paranormale activiteiten zelf blijft het allemaal subtiel. Maar toch werken ze allemaal stuk voor stuk.
Al met al is minimaler dan Paranormal Activity in ieder geval bijna onmogelijk. En toch bereikt Peli dingen waar talloze horrorfilms gigantisch onderuit gaan. Een echt enge film neerzetten. Moet toegeven dat ik stiekem wat moeite had om in die duistere kamer in slaap te sukkelen nadat de film op zwart ging. En dat is lang geleden. In de juiste setting is dit in ieder geval een bijzonder interessante ervaring.
4 sterren.
filmdetails permalink reageer
Alternatieve titel: Leprechaun 5: Leprechaun in the Hood, zaterdag 22 januari 2011, 12:21 uur
Als je het al aan de stok gehad hebt met Jennifer Aniston en je in Las Vegas en de ruimte bent geweest, wat moet je dan in hemelsnaam nog doen? Juist, dan ga je naar je homies in The Hood. Leprechaun heeft het geluk dat hij al vanaf het begin van zijn loopbaan een soort lachertje is en nog niet eens in de schaduw mag staan van zijn collega- filmmonsters en horroriconen. Want het niveau waar hij hier in rondloopt is vrij bizar. Gelukkig was er vrij weinig over van zijn reputatie. Viel er dan nog veel te verliezen?
Leprechaun in the Hood. Zoals de titel doet vermoeden hebben de makers van dit vijfde deel gekozen voor nog meer humor. Sterker nog, de horror is eigenlijk in zijn geheel afwezig. Het resultaat is een komedie van het 'Wayans-broers' niveau, met de kleine Leprechaun in een bijrol. Een bijrol inderdaad, de kleine rakker krijgt bar weinig interessants te doen, aangezien het verhaal zich meer focust op een groepje irritante en beroerd acterende personen, wiens lot net zo interessant is als hun doel. De makers hebben een kleine duivelse kabouter tot hun beschikking, maar blijven liever hangen bij een stel hiphop-gangster-wannabe's met een gouden fluit. Wie wil dat nu niet zien?
Als horror is de film dus mislukt, maar als komedie slaat de film misschien nog wel een grotere flater. Grofgebekte oma's, grote mannen die zich verkleden als vrouw, rappen in de kerk ... moeilijk te geloven dat volwassen mensen dit op papier hebben gekregen met de intentie het ook te verfilmen. Dan was zelfs Leprechaun in Space nog een stuk geestiger. Leprechaun in the Hood had de mogelijkheid om geestige pulp te worden, maar de uitvoering is zo beroerd en flauw, dat werkelijk alle planken misgeslagen worden. Lelijk gefilmd, verschrikkelijke humor, beroerd geacteerd en nergens ook maar een beetje amusant. Leprechaun is zeker geen geniaal personage, maar er is toch met gemak meer uit te halen dan de makers hier doen. Maar dan moet je toch een klein beetje gevoel voor timing, humor of filmmaken hebben.
1 ster. Met veel moeite.
filmdetails permalink reageer
donderdag 20 januari 2011, 11:21 uur
Jason Voorhees wist zijn ruimtereis nog uit te stellen tot de tiende film, maar na de dodelijke Critters en Pinhead was het voor Leprechaun blijkbaar ook na drie films nodig tijd voor een ruimteavontuur. Dus in plaats van een torenhoge zombie met hockeymasker, een sadistische Cenobite die kickt op pijn of een stel rondrollende wezentjes met vlijmscherpe tandjes krijgen we nu de Ierse duivelse kabouter rondhuppelen in een ruimteschip, ergens ver ver hier vandaan. Maar goed, zo slecht als het klinkt kan dat toch nooit zijn? Toch?
Slechts twee jaar na Leprechaun 3 komt regisseur Brian Trenchard-Smith ook met nummer vier. En waar in de derde film nog vrij redelijk de afwisseling tussen zelfspot en horror werd gemaakt, hier gaat men een paar stappen te ver. De horror is sowieso te lam om nog naam te hebben en de humor is hier vervangen door behoorlijk belabberde slapstick en humor dat de zoveelste Scary Movie rip-off of sequel nog niet zou halen. De decors, effecten en CGI- shots van het ruimteschip zijn te hilarisch voor woorden en 'Allo 'Allo acteur Guy Siner gaat helemaal over the top als het maffe Duitse neefje van Dr. Evil. Een enkele keer is het zo idioot dat het weer grappig wordt (die deurbel inderdaad), maar grotendeels is het gewoon ergerlijk hoe slecht het allemaal is uitgevoerd.
Naast Siner is Davis natuurlijk de ster van de show, maar veel bijzonders krijgt hij niet te doen en de charme van het kleine duiveltje is ook vrijwel verdwenen. Hij vliegt wat aan een (nog zichtbare) kabel, spuwt wat flauwe one-liners en gebruikt af en toe wat van zijn magie. Overigens niet echt consequent, want waarom hij niet gewoon zijn magie gebruikt om zijn doel te bereiken blijft een raadsel. Nee, dan blijven enkel de bordkartonnen mariniers over, waaronder een overacterende leider met plaat in zijn kop en de held, die erg veel doet denken aan een jonge Sylvester Stallone. Ook qua acteerprestatie trouwens. En natuurlijk is er de knappe blonde dame, wiens broek aan het einde nog gauw even wordt uitgetrokken, zodat mannen nog enigszins iets te zien hebben. Tja.
Al met al was Leprechaun natuurlijk vanaf de eerste film al niet serieus te nemen als horroricoon, maar vooral in dit vierde deel wordt pijnlijk duidelijk dat het mannetje zich niet staande weet te houden tussen de grotere namen in de horrorwereld. Want toegegeven, de ruimtefilms rondom de eerdergenoemde horroriconen waren niet bepaald hoogstaand, maar deze vierde Leprechaun doet er nog wel een paar scheppen knulligheid bovenop. Af en toe weet deze pulp te amuseren, maar grotendeels lach je toch om de onkunde van de makers en acteurs. Nu maar zien hoe de Leprechaun zich staande houdt in 'da hood', waar hij de volgende twee delen uit de reeks verblijft. Maar denk niet dat we veel positieve verrassingen van de kabouter hoeven te verwachten.
1,5 sterren.
filmdetails permalink reageer
Alternatieve titel: Return of the Aliens: The Deadly Spawn, woensdag 19 januari 2011, 11:52 uur
Soms vraag je je af of er iets mooiers op deze wereld bestaat dan zo'n rasechte, cheesy jaren '80 horror B-film. Meestal wel. Maar soms kom je een film tegen als The Deadly Spawn. Want wat is er nu heerlijker dan zo'n uit de kluiten gewassen driekoppige Critter met een rij of vier aan vlijmscherpe tanden in elke bek, die met veel genoegen in de met rode siroop- gevulde papier-maché hoofden hapt. Het ultieme monster voor de ultieme monsterfilm.
Na de typische monsterfilm- openingsscène, komen we terecht in een typische monsterfilm- locatie; een groot, oud huis op het platteland. Met zo'n donkere, smerige en vochtige kelder, waar onze titelheld met haar kroost geduldig wacht tot lunch beneden komt lopen. En ook de rest van de The Deadly Spawn gaat volgens het bekende boekje, maar de amusementswaarde blijft gelukkig erg hoog. Wel valt op dat de makers voor bepaalde scènes erg de tijd nemen, vaak meer dan nodig is. Maar de vermakelijke manier waarop elke scène wordt ingelost en onze buitenaardse vriend zijn tanden laat zien maakt veel goed. Neem alleen al de zeer passende en prachtig uitgevoerde slotscène van de film, dat is er eentje om in te lijsten. Maar de hele film verdient eigenlijk wel een lijstje.
4 sterren.
filmdetails permalink reageer
dinsdag 18 januari 2011, 9:52 uur
Het hele principe van een groep tieners dat in een verlaten bos wordt opgeschrikt door een paar gestoorde hillbillies kennen we natuurlijk al door en door. Maar dat er nog steeds iets fris uit die uitgemolken formule te halen valt, bewijst men met de Canadese horrorkomedie Tucker & Dale vs. Evil. Een erg leuk idee en gelukkig ook nog eens ontzettend tof uitgevoerd. Over the top en heerlijk melig. Het plezier, en de ingewanden, spatten het grote doek af.
Het script bevat een paar alleraardige vondsten en ook de gore is niet afwezig. Maar de komische talenten van regisseur en scriptschrijvers en het lieve snoetje van de hoofdactrice ten spijt; de show wordt echt gestolen door twee mannen; Alan Tudyk en Tyler Labine als de sympathieke hillbillies Tucker en Dale. Vooral Labine als Dale zorgt, als een Zach Galifianakis, voor de meeste hilarische momenten in zijn rol als teddybeer- hillbillie. Regisseur Eli Craig steekt op een sublieme wijze de draak met uitgekauwde horrorclichés, er komen veel mooie odes voorbij, en komt met één van de leukste horrorkomedies van de laatste jaren. Geef dit duo een filmserie.
4 sterren.
filmdetails permalink reageer
zondag 16 januari 2011, 11:20 uur
onderstaand bericht bevat spoilers, selecteer de tekst om deze te lezen
Bijzondere film, waar de schitterende plaatjes en de uitdagende rol van Robert Mitchum er duidelijk uitspringen. De film mixt op erg aardige wijze een dosis spanning met drama en zelfs wat humor (leuke rollen van onder andere James Gleason en Don Beddoe). Niet alles werkt even sterk, vooral het acteerwerk van de ouders van Johnny en Pearl schiet nogal wat te kort. Zie bijvoorbeeld de scène waarin Ben Harper hardop nadenkt waar hij de buit gaat verstoppen, dat is toch lachwekkend slecht te noemen. En een vrij groot contrast met de rest van de film, waar met name Mitchum de show steelt als duistere predikant. Film zakt dan ook een tikkeltje in als hij iets minder aan bod komt, maar het eerste uur is zonder twijfel fantastisch.
4 sterren.
filmdetails permalink reageer
maandag 10 januari 2011, 21:19 uur
Ah, David DeCoteau. De man van films als The Killer Eye, enkele Puppet Master delen en last but not least Sorority Babes from the Slimeball Bowl-a-Rama. Zelden zie je een filmmaker waar het woord pulp zo overduidelijk van zijn CV spat. Eén van zijn eerste producties was deze 1987 horrorfilm Creepozoids, een overduidelijke Alien rip-off met hier en daar invloeden van onder andere The Evil Dead. Alleen dan op het niveau van onze meester der pulp. Het niveau van David DeCoteau.
Ten eerste mogen de titel van de film en de geweldige artwork van mij meteen ingelijst worden. De film opent met wat tekst en uitleg, terwijl een synthesizer ons van een onvermijdelijke en rasechte jaren '80 theme voorziet. Om vervolgens kennis te maken met onze (vrij onsympathieke) personages. Van dit simpele slachtvee speelt mevrouw Linnea Quigley de hoofdrol. Als David DeCoteau de koning van de pulp is, dan is Quigley zonder enige twijfel de koningin. En ook in Creepozoids doet ze weer haar ding; na een aantal belabberd slecht gebrachte regels tekst gaat de kleding uit voor die onvermijdelijke naaktscène onder de douche. Het is enkel wachten tot het monster verschijnt en de personages, om budgettaire redenen offscreen, van kant maakt.
Creepozoids kent weinig verrassingen, het doet wat een goedkope B-film moet doen. Lachwekkende acteerprestaties, kleurloze karakters en steeds herhalende pogingen om spanning en schrikmomenten te creëren, maar dit lukt (uiteraard) geen moment. Wat de film wel lukt zijn een paar alleraardigste special effects neerzetten. Zeker rondom de make-up effecten zag het er nog best goed uit. De baby en de mutaties waren dan ook het hoogtepunt van de film. En verder is een film als dit het beste te meten aan zijn amusementswaarde en dat zit bij Creepozoids wel goed. De film is belachelijk en vermakelijk tegelijkertijd. En ik verwacht dat grotendeels van DeCoteau's oeuvre aan dat gegeven voldoet. We hebben wat dat betreft nog wel wat leuks voor de boeg.
2,5 sterren.
filmdetails permalink reageer
Alternatieve titel: Rosemary's Killer, dinsdag 4 januari 2011, 21:42 uur
onderstaand bericht bevat spoilers, selecteer de tekst om deze te lezen
De regisseur van de beste Friday the 13th uit de serie, samen met koning van de slasher, Tom Savini, die het ook nog eens zijn beste werk noemt. Als dat je als slasherfan nog niet doet watertanden, dan weet ik het ook niet meer. Mijn verwachtingen waren hoog.
En eerlijk is eerlijk, het eerste half uur van The Prowler is horror op zijn best. Er wordt meteen vanaf het begin een sterke sfeer neergezet. Maar de grote held van de film is Savini, de man die als geen ander jong volwassenen op sterke en erg amusante wijze om zeep kan helpen. Zijn werk is hier weer eens voortreffelijk, met name de scènes in de douche en het zwembad zijn om in te lijsten. En als laatste is er onze moordenaar zelf, die nog wel wat credit mag krijgen. Hij is lekker bruut en heeft met zijn hooivork een amusant wapen tot zijn beschikking, maar vooral zijn mysterieuze voorkomen maakt hem tot een ideale antagonist.
Iets minder interessant zijn de protagonisten, ik was het duo Mark en Pam dan ook al vrij snel zat. Vooral leuk dat het tweetal gezellig gaat zitten kibbelen, nadat ze net het lichaam van een goede kennis hebben gevonden.Wat moet de kijker daarmee? En dit vroeg ik me wel wat vaker af bij de film. Want wat moest de kijker met die dronken jongen in de cel, dat vrijende stelletje of dat dansfeest in het algemeen? Had best wat mee gedaan kunnen worden, mijn inziens. Zeker omdat de film grotendeels bezig is met spanning opbouwen. Maar dan op een manier waardoor scenes echt tot vervelends toe worden gerekt. De ellenlange scenes van iemand die zich (voetje voor voetje, heel voorzichtig, heel langzaam) door een donker huis beweegt, gaan echt vrij snel vervelen. En dan heb je ook nog dat lachwekkend langgerekte moment waar de protagonist onder een mopje palmfluit die Randy Quaid- achtige hillbilly met geweer lang zit aan te gapen. Zo slecht dat het bijna weer leuk werd.
Stiekem had ik gehoopt dat de film aan het einde nog even flink terug zou grijpen, een veelvoorkomend fenomeen bij de slasher. Helaas gaat dit niet op voor The Prowler. Ten eerste vraag ik me echt heel sterk af waarom Mark niet werd vermoord. En ook al was er een reden, ik had het toch graag gezien. Wat ik niet graag had gezien was de identiteit van de moordenaar, maar helaas besloot men het wel te doen (vaarwel, ijzersterk mysterie en hallo, whodunnit). Een jammerlijke beslissing. En als laatste was het einde een aardige ode aan Carrie, maar verder een nogal flauwe afsluiting. Had toch heel wat leukers uit kunnen rollen. En dat geldt voor de hele film; The Prowler vermaakt en is op bepaalde fronten een erg sterke horror. Maar het was niet die ijzersterke slasher waar ik stiekem toch op had gehoopt.
3 sterren.
filmdetails permalink reageer
zaterdag 1 januari 2011, 17:59 uur
Niets tegen lange films. En niets tegen een trage opbouw.
Maar als een verhaal zo oninteressant gebracht wordt als in Robert DeNiro's The Good Shepherd, dan heb ik het vrij snel bekeken. Bij wijze van spreke in dit geval, want die 160 minuten maakten er een flinke zit van. Na zo'n vijftien minuten was ik dat kleurloze karakter van Matt Damon bijvoorbeeld al flink zat. En dan blijkt dat je het nog 150 minuten lang met zo'n emotieloze zoutzak moet uithouden. Het kon me werkelijk geen hol schelen wat hem zou overkomen. Niet echt een gunstige gedachte bij een personage dat bijna in elke scène zit.
DeNiro heeft naast Damon nog een hoop andere bekende namen weten te strikken voor zijn tweede film, maar goed gebruikt worden ze niet. Acteurs als Michael Gambon of John Turturro hadden veel interessants kunnen doen, maar er wordt uiteindelijk niets met hen gedaan. Angelina Jolie is de grootste miscast van het jaar, ze was werkelijk geen moment geloofwaardig. Enkel William Hurt en zijn emotieloze gelaatsuitdrukkingen en monotone stem leek goed op zijn plek in de stoffige omgeving van The Good Shepherd. Maar of je daar nu blij van moet worden? Verder werkt de vertelwijze ook niet mee, vond het meer een fragmentarische opsomming van momenten dan een lekker opgebouwd verhaal. Maar goed, als je je niet in de karakters kan vinden, kijkt het sowieso al niet prettig. Nee, dit is absoluut mijn ding niet.
1,5 sterren.
filmdetails permalink reageer
zaterdag 1 januari 2011, 14:36 uur
How high can you go?
'I want the end to come soon', zegt het personage van Cate Blanchett ergens halverwege de film. Als kijker was ik het daar niet mee eens. Sterker nog, de film ging sowieso vrij snel. In Heaven geen uitgebreide introducties of ellenlange passages met uitleg, de film gaat meteen van start (met overigens een erg sterke openingsscène) en is in een mum van tijd ook weer voorbij. Maar gehaast of chaotisch komt de film niet over, alles wordt bijzonder gestructureerd en sfeervol neergezet, de film is praktisch een oase van rust. Een oase waarin een handjevol acteurs alles uit de kast halen. Vooral Blanchett laat naast schoonheid ook nog eens een ijzersterk potje acteren zien, wat een fenomenale rol.
Enkel na een uurtje weet de film een klein beetje kracht te verliezen, maar heeft het eigenlijk vrij snel ook weer opgepakt. Om vervolgens met een prachtig slot te concluderen. Maar het slot is niet het enige oogstrelende shot dat in de film zit, want voor visuele pracht kun je ook prima bij meneer Tykwer terecht. Zeker tegen het einde tovert hij een paar sprookjesachtig mooie beelden op het scherm. Dit in combinatie met het hartverwarmend en godzijdank mooi klein gehouden verhaal, maakt Heaven een lust voor het oog en het hart. En zo zie ik ze graag.
4 sterren.
filmdetails permalink reageer

